Leesimpressies

  • Aifric Campbell: Stop

  • Nr. 14 - 2012
  • Voorafgaand aan een nieuwe top van regeringsleiders over de eurocrisis meldt onze premier dat hij niet van vergezichten houdt. Hij is gehecht aan bijziendheid. Weer een weekendje steggelen over het al dan niet overdragen van soevereiniteit, zo langzamerhand een virtueel concept. Alsof we niet allemaal de slaaf zijn van de financiële markten. Niks algemeen belang getoetst door democratische controle. De graaiers dicteren wat er gebeurt. Het nieuwste boek van de in Ierland geboren Aifric Campbell gunt de lezer een blik in de binnenwereld van de dealingroom bij de bank Steiner & Co. Hoe gaat het daar toe en wat drijft de daar werkzame mensen? Het antwoord geld is te eendimensionaal. Het gaat ook om spanning op het scherpst van de snede. Wat zijn te midden van alle onzekerheden de signalen die er toe doen? Waar aast de concurrentie op? Campbell weet waar ze het over heeft. Jarenlang bekleedde zij een hoge functie bij een investeringsbank. Daarna werd ze psychotherapeut. Een carrièrepad met logica.

    Hoofdpersoon is Geraldine Molloy. Het boek begint met haar moment van glorie. Zij slaagt erin een enorme transactie af te sluiten dankzij haar goede relatie met een voor anderen onbenaderbare opdrachtgever uit Hongkong. De Godvergeten Grote Deal is een feit en leidt tot een gloeiende handpalm na een spervuur aan high fives. Zij heeft het vertrouwen van deze sfinx gewonnen toen zij bij hun kennismaking er blijk van gaf te beschikken over een wiskundeknobbel. Of zij haar voorkeurspositie mede dankt aan het feit dat hij haar leuk vond blijft speculatief. Vanaf dat moment wil hij alleen met Geraldine zaken doen. Bij de bank zorgt die positie voor veel prestige wat mooi meegenomen is in het mannenbolwerk waarin zij zich staande wil houden. Campbell schenkt ruim aandacht aan de onderlinge verhoudingen binnen de bank. Er is voortdurend sprake van een onderlinge krachtmeting die uitgespeeld wordt via grappen. Het gaat erom aan welke universiteit je gestudeerd hebt, of je wel tot de besten van jouw lichting behoorde en niet te vergeten dat je nooit onder je niveau neukt. Breng je fixatie met geld nooit tot uitdrukking via bretels met dollartekens. De teller slaat continu uit naar macho.

    Grote jongens, hoe groot ze ook worden, kunnen nooit weerstand bieden aan de verleiding om de minder grote jongens in hun hemd te zetten


    Campbell schrijft met vaart. De hoofdstukken hebben de vorm van dagboekaantekeningen waarbij van uur tot uur de gebeurtenissen voorbij komen. Die ingreep illustreert de hijgerigheid van het beschreven milieu, net als het per dag op en neer vliegen naar Hongkong. De periode waarin het boek speelt zijn de eerste dagen van januari 1991. De wereld wacht af wanneer de eerste Golfoorlog van start zal gaan. Op de bank is de vraag actueel welke invloed de koersen zullen ondervinden. De vooruitzichten van bedrijven actief in de oorlogsindustrie zijn gunstig. Financiële markten zijn heus niet liefdeloos. Ze houden van cynisme.
    In de loop van de roman bladdert de glamour van Geraldine af. Je mag dan een vermogen verdienen maar je bent slechts zo goed als je laatste deal. Reputaties zijn vluchtig. Ze realiseert zich dat ze vooral een speelbal is van de wensen van anderen. Tegenslagen rijgen zich aaneen. Tijdens een uitstapje naar Venetië maakt haar vriend een eind aan hun relatie. Als ze op een belangrijke missie naar Hongkong gaat, wordt ze bij een strategische deal belazerd door haar ex-vriend. Bovendien legt hij het aan met haar beste vriendin.
    Geraldine raakt in een crisis en poogt de balans op te maken. We komen het nodige te weten over haar jeugd die getekend is door de onverklaarbare zelfmoord van haar oudere broer. Net als in haar vorige twee boeken graaft Campbell in het verleden van haar hoofdpersonen om de littekens bloot te leggen die een stempel op het verdere bestaan zullen drukken. Zeker in De logica van het moorden heeft ze dat overtuigend gedaan. De jachtige biotoop van de bank raakt naar de achtergrond en de tragische loop van een particuliere geschiedenis komt centraal te staan. Dan wordt de roman vooral een schets van een vrouw die in zeven sloten tegelijk loopt maar toch doorzet. Ze gaat door een diep dal alvorens een nieuwe weg in te slaan. Het eerste deel kon mij, mogelijk vanwege de actualiteit, het meest boeien. De typering van de financiële wereld komt geloofwaardig over. Campbell etaleert scherpe observaties. Het laatste deel komt voor mij te veel in de buurt van een zelfhulpboek. Er is wel een grote stapeling van sores waaraan het hoofd geboden dient te worden. Campbell kan beslist schrijven. De psychotherapeut heeft de investment banker overvleugeld. Vanwege het eind van de roman heeft mijn ratingbureau Stop, Engelse titel On the Floor, afgewaardeerd van vier naar drie sterren.