Leesimpressies

  • Alberto Manguel: De kunst van het lezen

  • Nr. 9 - 2011
  • Schrijvers uit Latijns-Amerika hebben de eigenaardigheid om hun werkzame leven te besteden aan diplomatie of politiek. Denk aan Miguel Angel Asturias uit Guatemala of aan Carlos Fuentes uit Mexico. Pablo Neruda uit Chili en Mario Vargas Llosa uit Peru hebben zich eveneens aan de publieke zaak gewijd. Net als de Braziliaan Joao Guimaraes Rosa. De Argentijnse schrijver Alberto Manguel groeide op in Israel toen zijn vader daar ambassadeur was. De zoon had geen tijd voor een diplomatieke loopbaan. Zijn passie bestaat uit lezen. Hij bezit ongeveer dertigduizend boeken die onderdak hebben gevonden in een schuur op het Franse platteland naast zijn woning, een oude pastorie. Manguel is nu begin zestig. Stel dat hij als tiener is begonnen met het verzamelen van boeken dan is hij als verzamelaar nu vijftig jaar actief. Dat betekent een gemiddelde aanschaf van zeshonderd boeken per jaar. Het lijkt onwaarschijnlijk dat hij die allemaal gelezen heeft. Twee boeken per dag is een jachtig tempo. En dan schrijft hij daar ook nog bij. De meeste boeken van hem gaan over, het ligt voor de hand, lezen en boeken. Dit jaar verscheen van hem De kunst van het lezen, een wat pretentieuze vertaling van A reader on reading. Tegelijk kwam zijn roman Alle mensen liegen op de markt.

    Als gepassioneerd lezer huldigt Manguel de opvatting dat de lezer een wezenlijke schakel vormt in de literatuur. Het is de lezer die het boek tot leven wekt. Lezen is een daad van creativiteit, in de ogen van Manguel misschien zelfs de meest menselijke handeling. Waren schrijver en lezer een komisch duo dan moet de auteur genoegen nemen met de rol van aangever. De lezer is de afmaker. De schrijver geeft de voorzet maar de lezer scoort. Het mooie van lezen is dat iedereen de vrijheid bezit om aan elk boek een eigen interpretatie te verbinden. Het blijft natuurlijk wel de auteur die de brandstof levert. Bovendien doet niet elke interpretatie evenveel recht aan een boek. Het primaat ligt wel degelijk bij de schrijver.

    De titel doet wellicht vermoeden dat Manguel een gefundeerd betoog houdt over wat de kunst van het lezen behelst. Niets is minder waar. Het boek bevat een bundeling van beschouwingen en toespraken met een diversiteit aan aanleidingen en verspreid over een periode van zo’n vijftien jaar. Een consistent geheel is het niet geworden al is de bezetenheid voor literatuur zeker een rode draad.


    Er zijn drie regels voor het schrijven van een goed boek, zei Somerset Maugham. Jammer dat niemand weet welke dat zijn


    De afwisseling van het boek zorgt bij vlagen voor fraaie overdenkingen. De stijl is verzorgd maar soms wat opgeklopt. Er is een verhandeling over de rol van de redacteur via een vergelijking tussen de Angelsaksische taakopvatting versus de rest van de wereld. De bemoeienis in Amerika van de redacteur gaat veel verder. Daar beperkt de redacteur zich niet tot taalkundige fijnslijperij maar strekken de interventies zich uit tot de essentie van het verhaal zelf. Manguel betreurt die ontwikkeling en schrijft die op het conto van de commercialiteit waar in Amerika alles van is doortrokken dus ook de literatuur. Lezenswaardig is de korte beschouwing over het ontstaan van de punt als leesteken, ontstaan in de Italiaanse renaissance. De punt is een even simpel als effectief hulpmiddel voor het leesgemak. Babel schreef al: ‘geen zwaard kan ons met zo’n kracht treffen als een precies goed geplaatste punt’.

    Hoewel het boek veel afwisseling te bieden heeft, keert Manguel bij herhaling terug naar zijn literaire voorkeuren. Daar zijn ze weer: Homerus, Cervantes en Shakespeare. De reuzen uit het verleden zijn voor de schrijver een constante inspiratiebron. Veel aandacht gaat uit naar landgenoot Borges, voor mij een symbool van ontoegankelijkheid.

    Elk hoofdstuk begint met een verwijzing naar Alice in wonderland. Manguel put graag uit het verleden. De actualiteit komt er bij hem bekaaid vanaf. Liever een sprookje dan de werkelijkheid, lijkt zijn motto te zijn. Hij houdt van vele schrijvers maar heeft een afkeer van de auteurs die de bestsellerlijsten van de New York Times bevolken. Tot drie keer toe krijgt Bret Easton Ellis een veeg uit de pan. Dat werk is duidelijk niet aan Manguel besteed. Een controversieel werk als American psycho is ook een manier om naar de werkelijkheid van de moderne tijd te kijken. Bij Manguel komt die roman niet door de ballotage. Op dat punt laat mijn appreciatie voor de eruditie van Manguel het afweten. Zeker, de lezer maakt het geschrevene zelf af naar eigen voorkeur. Mijn smaak verschilt van die van Manguel. Lezen is voor mij een manier om voeling te hebben met de wereld van nu, met mijn wereld. Op de beste momenten weet literatuur inzicht en ontroering te combineren. Boeken die eeuwen oud zijn weerspiegelen een andere wereld dan de mijne. Historisch interessant maar geen richtsnoer voor nu. De keuze tussen Homerus en de New York Times is voor mij snel gemaakt. Dat blijft zo na lezing van dit boek.