Leesimpressies

  • Amadou Hampate Ba: Jawel commandant

  • Nr. 29 - 2020
  • Amadou Hampate Ba is een schrijver afkomstig uit wat nu Mali heet. Behalve om zijn boeken is hij bekend vanwege een gezegde dat vaak als citaat opduikt. Wanneer in Afrika een oude man overlijdt, gaat een bibliotheek in vlammen op. De uitspraak illustreert het respect voor mensen op leeftijd en de wijsheid die daaraan verbonden is. Hij stelt zichzelf voor als mijn naam is Amadou , zoon van Hampate, uit de clan der Ba’s. Een leven lang is hij gefascineerd geweest door orale tradities. Altijd had hij een schrift bij de hand waarin hij de verhalen, die hij tijdens zijn reizen optekende, vastlegde. Reizen vormde een onderdeel van zijn leefstijl. Hij was in dienst van het Franse koloniale gezag waarvoor hij verschillende posten bekleedde. Eerst als klerk der derde klasse, later als hulp-commies en tenslotte als commies. Uit zijn memoires komt hij tevoorschijn als een man vol plichtsbetrachting. Dat hij het tot commies wist te brengen was bijzonder eervol. Als inlander werkzaam zijn voor de koloniale heerser vergde het nodige aanpassingsvermogen. Sommige superieuren behandelden de lokale bevolking op een wellevende manier anderen deden dat met minachting. De ene baas was scheutig met delegeren, de andere niet. Je moest goed aanvoelen uit welke hoek de wind woei.

    Ba schreef de memoires aan het eind van zijn leven. Ze staan bekend onder de overkoepelende titel In het voetspoor van de vertellers. Het tweede en laatste deel heet Jawel commandant. Het is 1922 en Ba is op dat moment 22 jaar. Hij bevindt zich in Bamako en is op weg naar zijn post in Ouagadougou. De reis, van Mali naar Burkina Faso, geschiedt aanvankelijk per praam over de Niger rivier en het laatste deel te voet over land. Ba verkeert in het gezelschap van een gardist die toezicht houdt of hij wel koers zet naar zijn bestemming.
    De memoires staan boordevol ontmoetingen. Voor onderdak is men afhankelijk van anderen en een eervolle bejegening is van het grootste belang. De lezer krijgt informatie over hoe men zich wel en niet dient te gedragen. De gewoontes kunnen wisselen. In het gebied dat Ba bestrijkt zijn diverse bevolkingsgroepen woonachtig. Zelf is hij een Peul. Daarnaast zijn er Toearegs, Missi’s en vele anderen. De gastvrijheid is groot op voorwaarde dat men niet zondigt tegen de rituele verwachtingen.

    In Afrika is het bijzonder onbeleefd om over een streek te praten zonder iets te zeggen over zijn hoofdman, of om over een mens te praten zonder iets te zeggen over zijn voorouders. Zoals de boom zijn kracht en zijn omvang dankt aan zijn wortels, zo dankt de mens dat wat hij is aan zijn afkomst


    Het koloniale systeem kende een strikte hiërarchie. De volksmond onderscheidde vier lagen. Aan de top stonden de in Europa geboren witte blanken. Dan had je de zwarte blanken bestaande uit de inlandse lagere ambtenaren en bedienden met kennis van het Frans. Vervolgens waren er de negers van de blanken samengesteld uit ongeletterde inlanders die werkzaamheden verrichtten voor witte blanken of zwarte blanken. Tenslotte waren er de zwarte zwarten, het grootste deel van de bevolking. Gezien de vele manifeste en latente spelregels was het een ingewikkelde samenleving. Behalve de boven genoemde indeling, de vele verschillende bevolkingsgroepen was er ook nog de missie. Katholieke geestelijken probeerde ook nog de samenleving en de bevolking naar hun hand te zetten. Amadou Hampate Ba was een moslim. Hij heeft een geestelijk leidsman bij wie hij veelvuldig te rade gaat. Tegenwoordig heeft het begrip kolonialisme een slechte naam. Ba maakt het principiële principale bezwaar dat de overheersing van het ene volk door het andere ongepast is. Toch erkent hij dat het naast onrecht voordelen gebracht heeft. Het is een standpunt dat aansluit bij wat in Nederland emeritus hoogleraar Europese expansie en migratiehistoricus Pieter Emmer betoogt. Het moederland bracht organiserend vermogen naar de kolonie onder meer resulterend in infrastructuur en instituties. Bovendien laten studies zien dat het kolonialisme van toen geen afdoende verklaring vormt voor het achterblijven van welvaart nu.
    Om recht te doen aan zijn voorliefde voor orale tradities maakt de schrijver melding van inlandse uitdrukkingen. Zo leren we dat je zelf niet hoeft te mekkeren als er een geit aanwezig is of dat iemand je een schorpioen te slikken heeft gegeven.
    Daarnaast biedt het boek inzicht in de familieverhoudingen. Kinderen zijn de verantwoordelijkheid van het collectief en minder van de ouders. Bekokstoofd door de beide families is het een uitgemaakte zaak dat Ba zich verlooft met zijn nicht Baya Dallo. Zij zal hem voorzien van een rijke kinderschare. Toch speelt zij in het verhaal een rol op de achtergrond. Terloops komen we te weten dat de beide echtelieden niet aanwezig zijn bij hun eigen bruiloft. Dat is nu eenmaal de gewoonte.
    Hoewel Jawel commandant uitpuilt van de personages en voorvallen, blijft het voor een Europese lezer bij gebrek aan context moeilijk te duiden wat hij krijgt voorgeschoteld. Het blijft ongewis in hoeverre Amadou Hampate Ba een model ambtenaar is dan wel dat hij staat voor een zeer uitzonderlijk iemand. Er gaapt nog altijd een kloof tussen Europa en Afrika en bovendien moeten we daar nog een eeuw tijdsverschil aan toevoegen. De meeste figuren lijken meer een representant van de mores van hun tijd en groep dan dat zij je deelgenoot maken van hun allerindividueelste hebbelijkheden. Misschien heeft de schrijver dat juist zo willen boekstaven gezien zijn historische belangstelling.
    middelr@xs4all.nl