Leesimpressies

  • Damon Galgut: De belofte

  • Nr. 30 - 2021
  • In een leesfase met belangstelling voor Afrikaanse schrijvers mag Zuid-Afrika niet ontbreken. Het gaat hier om een land waarmee Nederland vanouds nauwe banden onderhoudt met hier en daar flink wat schaamrood. Van Damon Galgut waren er vier romans vertaald al dateerde de laatste al weer van 2011. Via een interview naar aanleiding van zijn nieuwste boek in een weekendkrant kwam ik hem op het spoor. Zijn laatste roman beschrijft de lotgevallen van de familie Swart tegen de achtergrond van de moderne Zuid-Afrikaanse geschiedenis. Het verhaal is opgebouwd rond vier begrafenissen. Dan komt de familie bijeen, weliswaar in krimpende samenstelling, en wordt de balans opgemaakt. Het verhaal begint in 1986. De familie bestaande uit de ouders met hun drie kinderen leeft op een boerderij die zoals later zal blijken op aanvechtbare gronden is verkregen. De moeder overlijdt na een ziekbed van een half jaar. In haar laatste fase verzoekt zij haar man om de vervallen woning van zwarte hulp Salomé, behorend bij de inventaris van de boerderij, aan haar na te laten als blijk voor bewezen diensten. De echtgenoot lijkt hier mee in te stemmen zonder de daad bij het woord te voegen. Jongste dochter Amor is getuige van de afspraak tussen de echtelieden. Zij is van mening dat je een belofte dient na te komen. Dat punt maakt zij bij elke begrafenis.

    Met intervallen van circa tien jaar komt een familielid te overlijden. Vader is het volgende slachtoffer. Hij bezwijkt aan een beet van een slang. Als het verhaal begint loopt het apartheidsregime op de laatste benen. Er is volop onrust in de townships. Als vader overlijdt is de situatie ingrijpend gewijzigd. Mandela is aan de macht. De fase van internationaal isolement is voorbij. De Springbokken worden met een gemengd team wereldkampioen rugby. Het geeft de natie iets om trots op te zijn en lijkt een stap naar verzoening. De onderlinge verhoudingen bij de familie Swart blijven moeizaam. Met name de relatie van vader met oudste zoon Anton is verziekt. De familieleden blinken niet uit in mededogen. Anton is tijdens zijn dienstplicht uit het leger gedeserteerd wat in de ogen van zijn vader een teken van verraad is. Na het overlijden van de vader zal Anton evenmin haast maken met het nakomen van de toezegging aan Salomé. Weer springt Amor tevergeefs op de bres. De begrafenissen zijn piekmomenten voor ongemak. Tot ergernis van velen koos moeder voor een joodse begrafenis en keerde daarmee terug naar het geloof van haar jeugd. Vader kreeg volgens het boekje een Nederduits gereformeerde begrafenis. Later zullen er nog een katholieke begrafenis en een crematie zonder godsdienstige signatuur volgen. Damon Galgut blinkt uit in het genadeloos tekenen van zijn hoofdpersonen. Er komen verder in het verhaal vele bijfiguren aan bod die op dezelfde scherpte van de auteur mogen rekenen. Er is bijvoorbeeld een vakmatig verschil van inzicht tussen generaties bij het familiebedrijf van de begrafenisondernemer.

    Je moet maken dat ze er vredig uitzien. Dat is wat de familie wil zien, dat hun dierbare rust heeft gevonden. Geouwehoer. Wat ze eigenlijk willen zien is dat hun dierbare leeft. Hij slaapt slechts. Het is de familie die rust wil vinden


    Na het tijdperk Mandela gaat het verval van de familie hand in hand met dat van het land. Eerst komt Mbeki, daarna de corrupte Zuma. Er breekt een grimmige periode aan. Dochter Astrid komt bij een gewelddadige overval om het leven. Zoon Anton raakt verder aan lager wal. Van wat ooit een golden boy leek is niets meer over. Verkoop van de boerderij dreigt. Bovendien claimen oorspronkelijke bewoners dat zij recht op het grondbezit hebben. Amor heeft dan al lang een richting gekozen ver verwijderd van de familie. Zij is naar Durban verhuisd, woont een tijd samen met een vriendin en vindt haar bestemming in de gezondheidszorg met de inzet voor aidspatiënten. Voor de familie houdt ze zich bij voorkeur onvindbaar. Amor is het enige familielid dat door de auteur met sympathie behandeld wordt. Zij staat ergens voor.
    Galgut maakt in de roman gebruik van een alwetende verteller. Met diens alwetendheid valt het overigens wel mee. Soms maakt de verteller melding dat hij ergens niet zeker over is. Het gaat slechts om een vermoeden. Vaak is hij echter uitstekend op de hoogte. Dan is er meestal sprake van een genadeloos oordeel. Galgut schrijft zinnen die weinig te rade laten over de gemoedstoestand van de personages. De lezer krijgt een inzicht dat de betrokkenen soms zelf nog niet verworven hebben. De stem van de verteller is bovengeschikt aan de stem van de personages. Dat maakt dat de hoofdrolspelers marionetten zijn in het poppenspel van de auteur. De auteur had er ook voor kunnen kiezen om wat meer op de achtergrond te blijven en de hoofdrolspelers het werk te laten doen. Ook in die constructie is het uiteindelijk de auteur die aan het langste eind trekt. Galgut heeft gekozen voor een nadrukkelijk aanwezige verteller. De toon maakt de muziek. Dat levert in ieder geval een uiterst vileine roman op met een originele opbouw.
    middelr@xs4all.nl