Leesimpressies

  • David Foenkinos: Het geheime leven van Henri Pick

  • Nr. 36 - 2017
  • Op de Frankfurter Buchmesse vormde dit jaar Frankrijk het middelpunt. Macron en Merkel, als duo bekend onder de geuzennaam As Berlijn-Parijs waren bij de opening aanwezig. Die Zeit meldde opgetogen dat de Franse literatuur er weer toe doet. David Foenkinos moet dat waar maken en schreef een roman die het afgelopen jaar veel lezers trok in zijn thuisland. Dankzij een Nederlandse vertaling kunnen wij aan de zijlijn van de as hier nu ook kennis van nemen. De auteur heeft zijn roman gesitueerd in de wereld van het boek. We maken kennis met de bibliotheek van het vergeten boek, opgericht door een bevlogen bibliothecaris in Crozon aan de kust van Bretagne. De Amerikaanse hippieschrijver Richard Brautigan fungeerde als inspiratiebron. Hij schreef een roman over een dergelijke bibliotheek en voegde later de daad bij het woord door die zelf in het leven te roepen. Het achterliggende idee is dat boeken die door uitgevers niet geschikt geacht worden voor publicatie wel degelijk een eigen plaats in de geschiedenis verdienen. De Bretonse bibliothecaris stelt wel een strikte voorwaarde voor opname in het reservaat. De afgewezene dient het boek persoonlijk te komen afgeven. Die nederige tocht is noodzakelijk.

    Boosdoeners in de constellatie van de vergeten bibliotheek zijn de uitgevers. Zij wilden de op zolderkamertjes verspilde zweetdruppels niet honoreren. Daarom is in de roman een uitgeverij prominent aanwezig via de jonge ambitieuze redacteur Delphine Despero. Ze werkt in Parijs maar is afkomstig uit Bretagne. Zo brengt Foenkinos een verband aan tussen bibliotheek en uitgeverij.
    Bibliotheken vormen een geliefkoosd onderwerp in de literatuur. Elias Canetti schreef zijn enige roman over een bibliotheek die ten onder gaat aan de eigen bezeten eigenaar. Umberto Eco werd vanuit het niets wereldberoemd met een roman die nota bene een middeleeuwse bibliotheek als decor heeft. Het oeuvre van Jose Luis Borges, vaak gerekend tot de eredivisie van de literatuur, is doortrokken van boeken en bibliotheken.
    In het begin van het verkaal maken we mee dat Despero opgewonden raakt van het manuscript van een debutant. Ze denkt goud in handen te hebben. Despero en debutant Frédéric spreken af en vallen bij hun eerste ontmoeting als een blok voor elkaar. Zij gaat haar best doen het werk uitgegeven te krijgen en een bestseller vormt het lonkend perspectief.

    ‘Heb je een vriend?’ ‘Wil je dat ik daar eerlijk antwoord op geef?’ ‘Ja.’ ‘Ik heb geen vriend.’ ‘Hoe kan dat nou?’ ‘Omdat ik op jou heb gewacht,’ zei Delphine plotseling, verbaasd over haar eigen openhartigheid


    Het boek van Frédéric gaat over een man die zich opsluit in zijn badkamer. Er verscheen overigens in 1986 in Frankrijk een roman met hetzelfde thema dat een jaar later als vertaling bij ons uitkwam met als auteur Jean-Philippe Toussaint. Het lukt Delphine om het boek van wat inmiddels haar partner is uitgegeven te krijgen. De verwachtingen zijn hoog. Het wordt echter een grote flop.
    Delphine brengt met Frédéric een bezoek aan haar ouders in Bretagne. De twee raken geïnteresseerd in de bibliotheek van vergeten boeken en… ontdekken een meesterwerk. De auteur blijkt de plaatselijke pizzabakker Henri Pick te zijn. Pick is overleden maar zijn weduwe en dochter leven en zijn hoogst verbaasd. Pick was geen lezer en van schrijfambities was niets bekend. Hij was altijd aan het werk. Hij ging altijd al vroeg naar de zaak en het is denkbaar dat hij in de stilte van de ochtend aan zijn meesterwerk schreef. Er duiken aanwijzingen op die het auteurschap van Pick aannemelijk maken. Het afgewezen boek wordt alsnog gepubliceerd en boekt succes vooral dankzij het bijzondere verhaal achter het boek. Foenkinos ziet hierin een bevestiging van de wetmatigheid dat in de literatuur de vorm de inhoud overschaduwt. Het verhaal over het boek is ondergeschikt aan het verhaal in het boek. Deze week deed zich in Nederland een vergelijkbaar verschijnsel voor. In de nieuwe roman van Charlotte Mutsaers komt een personage voor die kinderporno verkoopt. Toen Mutsaers in een kranteninterview liet doorschemeren dat zij hetzelfde had gedaan als het personage, dat trouwens grote overeenkomsten met haar zelf vertoonde, waren de rapen gaar. In de roman mocht je dat opvoeren maar in een interview niet. Mutsaers was verontwaardigd maar realiseerde zich niet dat de krant haar als auteur aan het woord had gelaten en niet als het personage uit de roman.
    De roem die Henri Pick ten deel valt is voor een gevallen literatuurpaus aanleiding om op onderzoek uit te gaan. Hij vertrouwt het zaakje niet en vermoedt dat een ander de auteur van de roman is. Het boek volgt hem bij zijn speurtocht. Aan het eind van het boek schudt Foenkinos nog een alternatieve verklaring uit de mouw. Foenkinos speelt een geraffineerd spel met de lezer. Hij zet je graag op het verkeerde been. Het lezen van Het geheime leven van Henri Pick biedt enkele uren aangenaam vermaak maar is vermoedelijk geen werk dat je nadien lang gezelschap houdt. Wel onderhoudend maar te weinig bezieling.