Leesimpressies

  • Eleanor Catton: Al wat schittert

  • Nr. 15 - 2014
  • Op het curriculum vitae van Eleanor Catton staat dat ze de jongste en de dikste is. Nooit won enig schrijver op de leeftijd van slechts 29 jaar de Bookerprijs en nimmer was het bekroonde werk zo lijvig. Het verhaal begint, zo vertelde Catton in een interview, als een mop: a man walks into a bar. Daar raakt hij verzeild in een geheime vergadering. Een uitgelezen gezelschap van 12 mannen, inclusief een Maori en twee Chinezen, probeert enkele recente gebeurtenissen te ontrafelen. Een kluizenaar is onverwacht dood aangetroffen, de plaatselijke hoer heeft een zelfmoordpoging ondernomen en een alom geliefde kapitaalkrachtige jonge man blijkt verdwenen. Nee, het is geen mop waar de lezer in terechtkomt. De schrijfster heeft om haar nogmaals te citeren een astrological mystery novel geschreven. Na 830 bladzijden weten we wat zich precies heeft afgespeeld. Tot dat moment wijst Catton ons de weg in een imposant bouwwerk langs vele dwaalsporen. De deelnemers aan de geheime vergadering zullen we in de tussentijd nader leren kennen.

    Alles in de roman is zeer doordacht. Er zijn niet alleen 12 deelnemers aan de geheime vergadering maar de 12 tekens van de dierenriem vormen een structurerend principe voor het verhaal. De roman is opgesplitst in 12 delen en bestrijkt een periode van 12 maanden. Het eerste deel speelt zich af op 27 januari 1866, het laatste deel op 14 januari 1866. Het verhaal is chronologisch opgebouwd. In deel 4 gaat Catton precies een jaar terug in de tijd zodat het boek eindigt vlak voor het moment waarop het boek begint. Het circulaire karakter van de dierenriem komt terug in de tijdlijn. Het mysterie speelt op Hokitika, een kustplaats op het zuidereiland van Nieuw-Zeeland. De meeste hoofdrolspelers zijn import, veelal afkomstig uit de oude wereld. Zij zijn besmet door de goudkoorts. Dromend van nieuw vermogen hebben zij een verleden met hier en daar een vlekje achter zich gelaten. Hokitika is een min of meer toevallige plek waar pioniers hun bestemming vinden. Om de verveling het hoofd te bieden is er opium. Er is goud te vinden maar verder zijn er vooral tegenstrijdigheden.

    Er is wel een krant, maar geen koffiehuis waar je hem kunt lezen, er is wel een apotheek waar je recepten kunt halen, maar geen dokter, en het ziekenhuis is die naam nauwelijks waardig. Het kledingmagazijn heeft altijd alleen of sokken of schoenen, maar nooit allebei tegelijk en alle hotels in Revell-street serveren alleen ontbijt, maar dat dan wel de hele dag


    De roman wordt bevolkt door personages met klassieke beroepen. Er is een cargadoor, rechtbankklerk, waarzegster, politicus, krantenman enzovoort. Catton heeft zich laten inspireren door de, goed geraden, 12 archetypen van de psycholoog Carl Jung. De delen van het boek zijn onderverdeeld in hoofdstukken die namen dragen ontleend aan de stand van de planeten. De positie van de hemellichamen in combinatie met de tijdsaanduiding is bepalend voor welke personages elkaar in dat hoofdstuk dienen te treffen. De compositie is extreem uitgedacht maar staat het verhaal niet in de weg. De roman blijft spannend ook voor lezers die alle slimmigheidjes van bolleboos Catton willen negeren. Het plot is krachtig genoeg om op eigen benen te staan. Catton houdt zich aan de wetmatigheid die zij ooit zelf als volgt formuleerde. Je mag altijd het toeval gebruiken om je personages in de problemen te brengen maar nooit om hen uit de problemen te halen.
    Alle personages manoeuvreren binnen de ruimte die de vrijheidsdrang van de goudzoekers en het determinisme van de archetypen voor hen beschikbaar houden. Catton beschikt te midden van haar vele talenten ook over het vermogen om scherpe dialogen te schrijven en om haar figuren in enkele woorden te karakteriseren. Over de politicus die ooit de oversteek maakte van Londen naar Nieuw-Zeeland merkt zij het volgende op. ‘Toen hij vertrok had hij twee doelen voor ogen: ten eerste fortuin maken, en ten tweede dat verdubbelen.’ Als de predikant aan de waarzegster vraagt of hij haar een vreemde vraag mag stellen, krijgt hij als antwoord. “Ik verdien mijn brood met het beantwoorden van vreemde vragen, en uitgerekend u zou toch moeten weten dat ik daar bepaald niet alleen in sta.
    De vorm van de roman doet klassiek Victoriaans aan. Er is een alwetende verteller, een veelheid aan personages, maatschappijkritische noties en elk hoofdstuk begint met een aankondiging over wat de lezer kan verwachten. De delen en hoofdstukken van het boek worden naar het eind toe korter. Die halveren zo ongeveer. Als de hoofdstukken korter worden, nemen de aankondigingen in lengte toe. De traagheid van de 19e eeuw eindigt in moderne jachtigheid. De schat die in het verghaal een prominente rol speelt, heeft eveneens de neiging te halveren. Er is veel strijkstok in Hokitika.
    Alsof het boek niet overvol genoeg is, ziet Catton ook nog kans om een liefdesverhaal in de roman te verwerken. Tussen alle dolende zielen belichamen zij de hoop. Astrologisch een ideale match Inmiddels heb ik ook de debuutroman De repetitie van Eleanor Catton gelezen. Die schreef zij als 22-jarige. Minder uitgewerkt maar wel zeer zwanger van het talent. Achteraf lijkt het debuut in de behandeling van personages en intrige een vingeroefening voor Al wat schittert, wat overigens minder mooi klinkt dan de originele titelThe luminaries, een verzamelnaam voor zon en maan samen. Eleanor Catton is een fenomeen. Enkele historische fouten doen geen afbreuk aan de bewondering. Wie maalt erom dat de Tasmanzee pas 20 jaar na de beschreven gebeurtenissen die naam verwierf.