Leesimpressies

  • Giorgio Bassani: De geur van hooi

  • Nr. 28 - 2019
  • Ferrara is de hoofdstad van de gelijknamige provincie in de noordoostelijke regio Emilia-Romagna. Literair gezien is het de stad van Giorgio Bassani. De auteur groeide als zoon van welgestelde joodse ouders in deze stad op. Hij leefde van 1916 tot 2000. Ferrara kende eeuwenlang een belangrijke joodse gemeenschap totdat de geschiedenis daar een einde aan maakte. In de Via Mazzini is een gedenkplaat te vinden ter herinnering aan de 183 inwoners die naar Duitsland werden afgevoerd en niet terugkwamen. Voor de oorlog kende de stad nog circa 400 joodse inwoners Het werk van Bassani behandelt vooral de jaren net voor en net na de Tweede Wereldoorlog. De opkomst van het fascisme drukte een stempel op zijn jeugd dat hij de rest van zijn leven met zich meetorste. Bassani zou zich later op verschillende plaatsen elders in Italië vestigen. Het schrijven, dat hem overigens veel moeite kostte, deed hij vooral op die nieuwe plekken. Ferrara bleef de inspiratiebron. Er zijn van hem zes boeken als afzonderlijke uitgave in het Nederlands verschenen: een roman, novellen en verhalen. Daarnaast schreef hij poëzie. Uiteindelijk zijn deze delen in een gezamenlijke band uitgebracht. De titel daarvan luidt even obligaat als toepasselijk: Het verhaal van Ferrara.

    De boeken van Giorgio Bassani zijn bij uitstek geschikt voor de liefhebbers van weemoedigheid. Met gevoel voor detail tekent hij zijn personages en hun omgeving. Het begin van De gouden bril is typerend. Bassani vermeldt dat er nog steeds, hoewel minder dan voorheen, mensen zijn die zich dokter Fadigati herinneren. Hij was keel-, neus- en oorarts met een praktijk aan huis in de via Gorgadello. Alsof dat niet volstaat volgt de mededeling dat die praktijk zich vlakbij het piazza delle Erbe bevond. Als hij in De geur van hooi de familie Pasetti uit de via Romei introduceert, voegt hij daaraan toe dat we die niet moeten verwarren met de Pasetti’s uit de via Cisterna del Follo. Als iemand met zo veel precisie zijn verhaal vertelt dan moet het wel levensecht zijn. De lezer die geen enkele familie Pasetti kent, twijfelt geen moment dat hij desondanks op het juiste spoor zit. Op de eerste bladzij van De geur van hooi maken we kennis met de 33-jarige Egle Levi-Minzi. Zij woonde als enig kind bij haar bejaarde ouders. Het is niet helemaal duidelijk waarom zij ongetrouwd is gebleven. Er presenteerden zich wel degelijk kandidaten. Dan volgt een omschrijving die enig licht op de zaak werpt.

    De grote mond, waarvan de hoeken toch al een tikje somber omlaag wezen, vertrok tot een grimas, de oogleden met de dunne wimpers werden even geërgerd neergeslagen over de droevige, vochtig-bruine irissen van haar Sefardische ogen, en de laatste aanbidder werd bijgeschreven op de steeds langere lijst van afgewezenen


    Het bovenstaande citaat illustreert een ander kenmerk in het werk van Bassani. Hij maakt er een gewoonte van de ogen van zijn figuren te beschrijven. Yuri Rotstein heeft prachtig blauwe, lachende ogen, uitnodigend, wild. Bij de Lattes-clan treffen we blauwe, bleekblauwe ogen of zwarte maar dof zonder schittering. Opa Benedetto heeft strenge priemende ogen van blauw glazuur. Zijn schoondochter daarentegen is in het bezit van mooie bruine ogen die helderder en glanzender waren dan ooit. Het meisje van de schiettent bezit blauwe ogen, dat wel, maar kil, hard, boosaardig. Let bij meneer Riccardo T. maar eens op zijn ogen als speldenknoppen die sluw schitteren achter zijn bril. Enz enz.
    De ogen zijn het voorportaal van de ziel. Behalve over ogen krijgt de lezer ook veel informatie over de blikrichting van de personages. Bassani kijkt als een camera naar wat hij vertelt. Toen Vittori de Sica de enige roman van Bassani verfilmde, De tuin van de Finzi-Contini’s, was er heel wat voorwerk door de schrijver verricht.
    De observaties van Bassani zijn soms wat afstandelijk. Als een buitenstaander beschouwt hij de gebeurtenissen. De hoofdrolspeler hoort er niet helemaal bij. Er gaapte een kloof tussen hem en de anderen. Je kunt om allerlei redenen een buitenstaander zijn. Bijvoorbeeld omdat je joods bent, of omdat je een bril draagt of omdat je een andere geaardheid bezit. Het buitenstaanderschap kan zelfs een karaktereigenschap zijn. De kloof tussen verschillende werelden keert terug als bestanddelen van de meeste boektitels. Muren, een bril, een tuin of een deur symboliseren allemaal een dergelijk onderscheid.
    De zes verhalen samengebracht in De geur van hooi zijn bij mijn weten niet eerder als zelfstandig werk gepubliceerd in tegenstelling tot de andere onderdelen uit Het verhaal van Ferrara. Dat heeft geresulteerd in Bassani’s dunste boek. Het zijn misschien wel wat losse eindjes in het oeuvre. Desondanks biedt De geur van hooi een goede mogelijkheid om met het werk van de auteur kennis te maken. Dat geldt in het bijzonder voor het laatste verhaal “Daar, aan het eind van de gang”. Niet alleen omdat de gang een manier is om een kloof te overbruggen maar vooral omdat Bassani hierin een toelichting geeft hoe sommige van zijn verhalen tot stand zijn gekomen. Op bewonderenswaardige wijze laat Bassani de joodse geschiedenis van Ferrara voortleven.