Leesimpressies

  • Hans Vervoort: Confrontatie

  • Nr. 6 - 2010
  • Met het lezen van de romans die Hans Vervoort schreef over de periode dat hij werkzaam was bij uitgeverij De Weekbladpers heb ik gewacht tot onlangs het derde en laatste deel verscheen: Confrontatie. Het wachten werd beloond. In korte tijd kon ik doorlezen zonder ongeduld over wat nog komt. Vervoort heeft een boeiende cultuurgeschiedenis geschreven die leest als een rollercoaster. De vergelijking dringt zich op met Het bureau. Het bedrijf versus het bureau. De gedetailleerde beschrijving van de listen en lagen in het kantoorleven houden de lezer gevangen. Voortdurend zijn er binnenbrandjes die neigen naar uitslaan. De wereld van Vervoort is een stuk dynamischer dan die van Voskuil. Wekelijks moet er een nieuw blad van de pers rollen. Bij de studie naar de bestemming van de nageboorte van het paard komt het niet op een dag aan. Toch doet Theo Bouwman geregeld denken aan meneer Beerta. Hoewel dat meestal niet in de profielschets staat, zijn bazen van organisaties vaak markante persoonlijkheden, waarmee niets over hun kwaliteiten is gezegd. Voor Hans Vervoort is er de rol van Maarten Koning.

    Vervoort maakte zijn entree bij de Weekbladpers als marktonderzoeker. In dat vak had hij ervaring opgedaan als mede-oprichter en directeur van Interview. Hard werken en stress resulteerden in gezondheidsklachten. Hij vond het tijd voor een functie in de luwte waarbij ook zijn drang om te schrijven kon gedijen. In de eerste jaren van Vervoort voerde de Weekbladpers titels als Vrij Nederland, Haagse Post, Voetbal International, Filmfan en Opzij. Bladen die mij als abonnee of via de losse verkoop vertrouwd waren. Bij kranten en tijdschriften gold het adagium van de machtenscheiding. De zakelijke leiding had geen invloed op de inhoud. Wat er in de kiosk te krijgen was, vormde het inhoudelijke uithangbord. Daarachter ging een andere wereld schuil: boekhouding, automatisering, ledenwerving, personeelszaken, advertentieverkoop enzovoort. De weekbladpers kende daar bovenop nog het beginsel van arbeiderszelfbestuur. Vrij Nederland was het vlaggenschip waaromheen de vloot geformeerd was, hoewel Voetbal International een stuk zeewaardiger was.


    Zwakke plekken van publieke figuren komen in de schijnwerper: de boze memo’s van Rinus Ferdinandusse, de gulheid van Joop van Tijn met de creditcard, de eloquente nuffigheid van Cisca Dresselhuys en de oprechte horkerigheid van Johan Derksen


    De drie delen van Het bedrijf staan geafficheerd als roman. Hans Vervoort is zowel auteur als personage. Door zijn bril zien we de ontwikkelingen. Er is altijd wel ergens binnen het bedrijf een probleem. Bijzonder aan de Weekblad pers is de ver doorgevoerde democratisering, een idealistische constructie waarbij iedereen ieder ander in een houdgreep omklemt. Dat is vooral vervelend voor de ambitieuze algemeen directeur Theo Bouwman. Alle ondersteunende afdelingen hebben een eigen manager waardoor daarover niet veel valt te besturen. Met de inhoud van de uitgaven mag hij zich niet bemoeien. De verveling ligt op de loer. Bouwman is te oud voor jeugdvandalisme en dus stort hij zich op het doen van acquisities. Koopt hij een titel die verwant is aan een eigen uitgave dan zijn er synergetische voordelen. Is er geen verwantschap dan is het goed voor de diversificatie. Er is wat overredingskracht nodig om alle geledingen tot instemming te bewegen. Bouwman zet later zijn geldingsdrang voort bij VNU en PCM.

    Vervoort is van marktonderzoeker opgeklommen tot directeur van de opinie- en cultuurbladen. Hij mag het gevecht aan gaan met eerst Ferdinandusse en later Van Tijn om Vrij Nederland door een krimpende markt te loodsen. Ook de hoofdredacteur kent echter maar een beperkte invloed. Hij moet vooral niet denken dat hij de baas is van de redactie. Hij mag de redactievergadering voorzitten. Dat maakt het lastig om van zwak presterende redacteuren af te komen. Ferdinandusse blijkt er een meester in te zijn om tussen alle klippen door te laveren. Ondertussen is hij ook nog het productiefste redactielid. Erupties via telefoontjes en memo’s over kapotte lampen en verkeerde koffiebekertjes vormen zijn uitlaatklep.

    Aanvankelijk zou Vervoort vijf jaar een directiefunctie vervullen. Het worden een paar jaar meer maar dan legt hij zijn managementverantwoordelijkheid neer om nieuwe bladconcepten te ontwikkelen. Hoewel het personage Vervoort niet uitsluitend sterke eigenschappen meekrijgt, raak je onder de indruk van zijn kwaliteiten. Hij heeft affiniteit met het idealistische model, is fan van zijn blad, bezit hersens en werkt hard. Vaak lukt het hem om met een vindingrijke formulering een smeulend conflict te beslechten. In Confrontatie valt hij van zijn troon. Zijn vrijwillige stap terug kost hem moeite, zodra hij merkt dat zijn opvolgster incompetent is. De voorgenomen afzijdigheid valt hem zwaar en hij kiest voor de oppositie. Hij stelt zich met succes verkiesbaar voor het werknemersbestuur. Zijn partijdigheid wordt ook ingezet als zijn vrouw, hoofdredacteur van Psychologie Magazine, in conflict raakt met haar redactie. Hij slaagt voor zijn rol als echtgenoot ten koste van die als ex-directeur. De vele intriges maken de geschiedenis tot spannende lectuur. Vaak lukt het de hoofdrolspelers om na afloop in het café een verzoenende borrel te drinken. Zo ging dat toen. In de periode dat Confrontatie in de winkel verscheen, overleed Bibeb. De glorietijd van Vrij Nederland is definitief voorbij.