Leesimpressies

  • Ian Rankin: De rechtelozen

  • Nr. 4 - 2006
  • Juni geldt als de maand van het spannende boek. Net als tijdens de maartse boekenweek biedt brancheorganisatie CPNB de lezer een presentje bij aanschaf met een bepaalde financiële omvang in de boekwinkel. De laatste jaren is het geschenk steeds afkomstig van een vooraanstaand auteur in het genre. Meestal iemand uit het buitenland (Henning Mankell, Nicci French) maar soms ook van eigen bodem (René Appel, Tomas Ross). Deze keer is de keuze gevallen op de Schot Ian Rankin met Schuld & boete bestaande uit vier verhalen. Voor mij de eerste kennismaking met Rankin. Omdat de verhalen me bevielen, kreeg ik zin zijn laatste Nederlandse vertaling te proberen. De titel luidt De rechtelozen met inspecteur John Rebus in de hoofdrol. De setting is Edinburgh en omgeving. Die prachtige stad met Holyrood, de royal mile, Princes street en het zomerse festival heeft nog een ander gezicht. De stad kent ook achterstandswijken waar migranten het hoofd boven water proberen te houden. In die wereld speelt deze thriller zich af. De enige schaduwzijde van Edinburgh die ik in het boek herkende was dat je bijna nergens je auto kunt parkeren. De werkelijkheid kent echter nog ernstiger gebreken dan dat. Om een spannend boek te appreciëren moet er aan drie criteria voldaan zijn.

    Ten eerste is het nodig om enige affiniteit te voelen met de personages. Een succesnummer als De eetclub van Saskia Noort is weliswaar vlot geschreven maar voor mij onverteerbaar vanwege het milieu dat geportretteerd wordt. Vervelende yuppen met een gevoelswereld van plastic. Uiteraard wel duur plastic. Rankin bedient zich van een vaste hoofdpersoon. Bij thrillers is dat ofwel een vrije jongen ofwel iemand die aan de kant van het gezag staat in dit geval in dienst van de politie. De speurder in kwestie biedt gewoonlijk het perspectief waardoor de lezer naar de gebeurtenissen kijkt. Als je op hem gesteld raakt, komt dat je medeleven ten goede. Bij Scandinavische speurders lukt me dat niet zo goed. Hun nukkigheid schrikt af en zij symboliseren te veel dat het in die contreien lang donker is. John Rebus is van middelbare leeftijd, gescheiden maar heeft een LAT-relatie met de alcohol. Hij is gevat zonder de populaire jongen uit te hangen en het type ruwe bolster blanke pit. Zijn assistente is brigadier Siobhan Clarke. Zij zijn bevriend en er is voortdurend een bepaalde spanning of er iets meer tussen hen kan bestaan. Rebus is even vasthoudend als argwanend en je gunt hem dat hij de zaak tot een oplossing weet te brengen. Een tweede criterium is dat een thriller goed geschreven is met vaart als belangrijk ijkpunt. Rankin verstaat zijn vak. De hoofdlijn van het verhaal blijft steeds in zicht maar daarnaast is er oog voor details die het verhaal completeren. Heel wat horeca gelegenheden maken in het boek hun opwachting. Rankin maakt veel gebruik van dialogen die geloofwaardig aandoen en veelal licht van toon zijn. Wel is het verhaal rijkelijk bedeeld met personages waardoor je aandacht op de proef gesteld wordt om uit te maken wie ook weer wie is. Dat heeft te maken met het derde criterium: de spanningsboog. Een thriller zonder spanning kan als ondermaats het water in. De rechtelozen kent drie verhaallijnen die op het eerste gezicht niets met elkaar van doen hebben. Je voelt lang van tevoren aankomen dat tussen die gebeurtenissen wel degelijk een verband bestaat. Dat behoort tot de huisregels van het genre. De zaken die om een oplossing vragen zijn: de moord op een migrant, een Turkse Koerd; de verdwijning van een meisje wier zusje zelfmoord pleegde na slachtoffer te zijn geweest van verkrachting en tenslotte de vondst van twee skeletten in de kelder onder een pub. Stapsgewijs verkrijgt de politie steeds meer stukjes van de puzzel in handen. De gebeurtenissen in het boek omspannen tien dagen. Daarin komen de drie zaken tot een oplossing waarbij grootschalige zwendel en misbruik van buitenlanders de grote boosdoeners vormen. Het maatschappelijk verontrustende is dat de criminaliteit hier niet alleen in handen van de onderwereld is. Er lopen vertakkingen naar de bovenwereld. Daarmee kent het boek niet louter amusementswaarde. Zo is er een detentiecentrum voor asielzoekers dat veel weg heeft van een gevangenis maar wel in handen is van een particuliere organisatie. Dat beveiligingsbedrijf verricht zijn taak met grote voortvarendheid zoals je van de marktsector mag verwachten. Of de asielzoekers daar goed mee af zijn, is twijfelachtig.

    Het plot tovert geen grote verrassingen uit de hoge hoed. De kracht van het boek is vooral gelegen in het volgen hoe stukje bij beetje klaarheid gebracht wordt in de misdrijven. En in het ontrafelen van de dwarsverbanden tussen de drie zaken. Ian Rankin verdient geen prijs voor grote originaliteit. Wel is hij een gedegen vakman. En nu maar afwachten hoe het verder gaat met John Rebus en Siobhan Clarke.