Leesimpressies

  • Jan Vantoortelboom: Meester Mitraillette

  • Nr. 26 - 2014
  • Begin augustus herdachten de staatshoofden Joachim Gauck en François Hollande, stijver geharkt dan ooit, gezamenlijk in de Elzas de Eerste Wereldoorlog. Het was ongetwijfeld goed bedoeld maar de omhelzing resulteerde in een krampachtige pose. Een explosie aan herdenkingen staat ons vier jaar lang te wachten. De literatuur als spiegel van de samenleving doet volop mee. Jan Vantoortelboom opent zijn tweede roman met een aangrijpend beeld van een jonge man die in 1914 voor het vuurpeloton zijn laatste gedachten met de lezer deelt. Hij heeft geen behoefte om een laatste woord te spreken, voelt mededogen met de soldaten van zijn peloton die verplicht toeschouwer zijn. Aan God die hij te wreed vindt voor de wereld denkt hij niet. Hij hoopt slechts dat zijn moeder hem zal vergeven. Hij schikt zich in het onvermijdelijke. Het zal 270 bladzijden duren voordat het definitieve bevel weerklinkt. In de tussentijd doet Vantoortelboom verslag van hoe het zo ver heeft kunnen komen.

    David Verbocht groeit op in Gent als lid van een gezin waarvan naast zijn ouders een jonger broertje deel uitmaakt. We volgen hem in zijn eerste stappen om op eigen benen te staan. Hij vertrekt naar Eveldinge in de Westhoek om als schoolmeester aan de slag te gaan. Zijn vader, klusjesman aan de Universiteit van Gent heeft deze baan voor hem geregeld. De belevenissen van de schoolmeester in zijn nieuwe omgeving worden afgewisseld met herinneringen aan de jeugdjaren. Het gezin draagt het kruis van de vroegtijdige dood van de jongste zoon. David voelt zich schuldig over het noodlottige ongeval. Zijn moeder heeft hem deze gebeurtenis altijd aangerekend. Het leven van de schoolmeester is voor altijd getekend. David ontfermt zich over een leerling uit een boerengezin die het vanwege een ziekelijk karakter thuis zwaar te verduren heeft van zijn veeleisende vader. Voor de overbezorgde moeder van de jongen vat David langzaam een grote liefde op. In een traag tempo schetst Vantoortelboom de ontwikkelingen tussen de personages tot het gewelddadige einde.

    De mannen schouderen het geweer. De officier staat met zijn sabel voor hen. Hij loopt achterwaarts, tot hij uit de vuurlinie is. Langzaam tilt hij zijn sabel op


    Vantoortelboom groeide zelf op in Eveldinge. Hij schrijft over een wereld die hij uit eigen ervaring kent ook al is hij van een latere generatie. Zijn debuutroman De verzonken jongen speelt in hetzelfde gebied en heeft een familiegeheim als centraal onderwerp. Kennelijk is dit zijn thema. Hoewel hij een indringend verhaal vertelt, heeft de roman een zwaar en drukkend karakter. Het verhaal speelt zich af in een kleine gemeenschap waar de buitenwereld afwezig is. Het decor van de Eerste Wereldoorlog verschijnt pas laat op het toneel. David koestert zijn schuldgevoel in plaats van te leven. Hij verliest zich in zijn passie voor de natuur met een egel als huisdier. Hij maakt lange wandelingen en negeert het rumoer van café ’t Pompkot als hij daar langs komt. De wereld van Eveldinge strekt zich soms uit tot Poperinge maar dan houdt het wel op. Zijn isolement laat zich illustreren doordat hij nauwelijks omgang heeft met leeftijdgenoten. Hij trekt op met zijn favoriete leerling Marcus Verschoppen en de twee vrouwen op wie hij verliefd is geweest in zijn leven zijn veel ouder dan hijzelf. Mij begon het steeds minder te boeien welke gegevens David afleidt van de uitwerpselen en braakballen die hij in de natuur signaleert. Er zit te weinig spanning in dat verdoemde leven van David. Gedwee aanvaardt hij de slachtofferrol. Hij toont zich vooral karaktervol als het gaat om zijn gebrek aan geloof. De pastoor spreekt hem tevergeefs aan op zijn afwezigheid in de kerk wat een verzetsdaad valt te noemen tegen de achtergrond van die tijd, zeker gezien het feit dat hij les geeft op een katholieke school. Later in krijgsdienst zal hij ook tegenover de aalmoezenier standvastig blijven. In feite biedt alleen de vader van David een frivool intermezzo met zijn fascinatie voor de wondere werking van zijn lievelingsgetal vier. Bij David zelf is alles even serieus.
    Of de dood van een broer niet genoeg noodlot impliceert, treft ook Marcus Verschoppen een ongeluk waarvoor David als een gemakkelijke zondebok in aanmerking komt. Dat brengt hem zelfs in de gevangenis waaruit hij voorlopig vrij komt om tussentijds een bijdrage te leveren aan de oorlogsvoering. Het heeft er veel van weg dat Vantoortelboom in een katholieke omgeving een Calvinistische roman laat spelen met een ongelovige als hoofdpersoon. In het taalgebruik zijn echter wel de Vlaamse invloeden goed waarneembaar. Er komen vele fraaie plastische woorden in de roman voor die boven de Moerdijk ongebruikelijk zijn. Daarom is het vaak aangenaam om te lezen, al zijn er zo nu en dan formuleringen of redeneringen die vreemd aan doen. Zo wordt over de benen van een verschrompeld vrouwtje opgemerkt: “het leken eerder stoelpoten want vorm zat er niet is”. Hoezo, bezitten stoelpoten geen vorm? Alles bijeen is Meester Mitraillette slechts een gedeeltelijk geslaagd werk.