Leesimpressies

  • Jeffrey Eugenides: Huwelijk

  • Nr. 1 - 2012
  • De Amerikaan Jeffrey Eugenides is een schrijver van een bedachtzaam soort. Tussen twee romans verstrijkt ongeveer een decennium. In 1993 debuteerde hij met The virgin suicides, een origineel boek met een wat al te gekunstelde plot. In 2002 verscheen Middlesex dat ik meende te kunnen overslaan. Nu is er Huwelijk. Eugenides schetst een driehoeksrelatie in het studentenmilieu van Brown university, gevestigd in Providence Rhode Island en behorend tot het elitegezelschap van de Ivy League. Spil in het verhaal is de 22-jarige Madeleine Hanna met haar aanbidders Leonard en Mitchell. Een driehoeksverhouding lijkt een wat afgekloven thema maar Eugenides weet met veel elan de aandacht voor zijn hoofdpersonen vast te houden. Hij dringt met veel oog voor detail door tot wat zijn personages ten diepste bezig houdt. Die trefzekerheid geldt evenzeer voor de meeste bijfiguren in het verhaal en dat zijn er vele. Het verhaal speelt in het begin van de jaren tachtig. De roman begint op de dag dat Madeleine afstudeert. Haar ouders maken hun opwachting om deel te hebben aan de festiviteiten.

    Van meet af aan loopt alles in het honderd. Madeleine is na een onstuimige nacht verre van gereed om haar ouders in de vroege ochtend te ontvangen. Er volgt een geïmproviseerde ontmoeting. Uiteindelijk zal Madeleine de feestelijkheden ontwijken omdat zij zich naar het ziekenhuis spoedt waar haar vriend Leonard is opgenomen. Leonard lijdt aan een bipolaire stoornis en zijn stemmingswisselingen zullen in de loop van het verhaal een steeds grotere belasting vormen. Voor hemzelf en voor Madeleine en haar meelevende familie. Met angstaanjagende precisie schets Eugenides de hoogten en dalen waar Leonard doorheen gaat. Steeds vertoeft Mitchell op de achtergrond. Zijn onvoorwaardelijke liefde voor Madeleine blijft steken op de reservebank.

    Vervolgens onthult Eugenides wat er in de nacht voorafgaand aan het afstuderen heeft plaatsgevonden. Het boek kent een spiraalvormige structuur. De lezer ontmoet een hoofdfiguur in een bepaalde situatie waarna de voorgeschiedenis beschreven wordt om daarna de scene vanaf het aanvangsmoment te vervolgen. Die aanpak zorgt voor spanning en continuïteit.


    Het gebroken hart van Mitchell kon twee dingen betekenen: ofwel zijn liefde voor Madeleine was puur en waarachtig en van een wereldschokkende significantie, ofwel hij was verslaafd aan de wanhoop en vond het gewoon lekker om liefdesverdriet te hebben


    De studietijd is bij uitstek een zoektocht naar de passende identiteit. Wie ben je en wat wil je van het leven? Wat is een geschikt vak en bijbehorende beroepsuitoefening? Welke seksuele geaardheid en welke levenspartner komt in aanmerking? Welke levensbeschouwing spreekt het meest aan? Waar wil je je leven slijten, terug naar waar je vandaan komt of een nieuwe bestemming zoeken, eventueel in het buitenland? Al deze vraagstukken komen volop aan bod. Leonard, Mitchell en Madeleine hebben elk een verschillend vak gekozen wat de diversiteit in het verhaal ten goede komt.

    Madeleine, die Engels doet, schrijft een scriptie over de huwelijksplot. De Engelse titel luidt dan ook The marriage plot wat meer recht doet aan het verhaal dan de Nederlandse vertaling. In de klassieke Engelstalige roman, bij Henry James, Jane Austen en de zusjes Brontë is het zoeken van de juiste huwelijkspartner de drijvende kracht in een boek. Na veel zuchten en schijnbewegingen komt de ware Jacob te voorschijn. Het huwelijk staat garant voor bestaanszekerheid en behelst een keuze voor altijd. De uitvinding van de echtscheiding bedreigt dit patroon. Behalve met Engels heeft Madeleine zich beziggehouden met semiotiek bij welke gelegenheid zij Leonard, die biologie doet, leert kennen. Semiotiek trekt een alternatief publiek. Wie gaat zich voor zijn lol in Derida en het deconstructivisme van Barthes verdiepen? Als Handke behandeld wordt, roept een studiegenoot uit: ‘volslagen duister en deprimerend. Geweldig.’

    Mitchell houdt zich bezig met religieuze studies. Hij maakt zelfs een reis naar India om zich onder de vleugels van moeder Teresa voor zieke mensen in te zetten. Dat blijkt een zware gang. Aan het eind van het boek voelt hij zich aangetrokken tot de beweging van de Quakers. Daar vindt hij een levenshouding die hem aanspreekt zonder de paternalistische trekjes waarin het christendom vaak zo weet uit te blinken. Een bijzonder tintje aan het boek is dat Mitchell in zijn biografie veel overeenkomsten kent met de schrijver. Geboren in Detroit met voorouders uit Griekenland en Ierland, gestudeerd aan Brown in de jaren tachtig enzovoort. Dat verklaart tevens waarom de roman in die periode speelt en bijvoorbeeld niet in het heden. Aldus heeft Eugenides ruim kunnen putten uit zijn eigen ervaring wat tot uitdrukking komt in de vele subtiele verwijzingen naar dat tijdsbeeld. De roman eindigt in stijl. Op de laatste pagina beschrijft Eugenides expliciet wat Orhan Pamuk in De naïeve en de sentimentele romanschrijver de kern van een boek noemt. Volgens hem bezit elke roman zo’n geheime kern. Mitchell, niet toevallig hij, verwoordt die geheime kern en kondigt daarmee de roman aan die de lezer op dat moment met veel bewondering terzijde legt.