Leesimpressies

  • Jimmy Breslin: Branch Rickey

  • Nr. 11 - 2012
  • Jimmy Breslin is een New Yorkse onderzoekjournalist die veel heeft geschreven over honkbal en criminaliteit. Twee onderwerpen die zich tot elkaar verhouden als binnenhuisarchitectuur en Nordic walking. De hoofdpersoon in zijn biografie, Branch Rickey, speelde een belangrijke rol in het doorbreken van rassendiscriminatie in de sport. Zoals Rosa Parks het vrouwelijke icoon is die weigerde haar plek in een bus op te geven zo is Jackie Robinson het manlijke icoon. Rickey durfde het aan, ondanks hevige tegenwerking, om Robinson op te nemen in zijn team, de Brooklyn Dodgers. Het is een gebeurtenis met een grote symbolische betekenis die zou uitmonden in de traan van dominee Jesse Jackson bij de verkiezingsoverwinning van Barack Obama. Veelzeggend laat Breslin rond dat evenement zijn portret eindigen in het verkiezingslokaal van de Jackie Robinson school. Het gebouw staat in Brooklyn tegenover de plek waar ooit het stadion van de Dodgers stond. De lange mars is ten einde. Hoewel er eerder biografieën over Rickey zijn verschenen, heeft Breslin in 2011 daar zijn versie aan toegevoegd. Rickey is al lang niet meer onder ons, Breslin is nu in de tachtig.

    Branch Rickey werd geboren in 1881 op het platteland van Ohio. Het zou even duren voordat het verlegen jongetje zou uitgroeien tot een doortastende persoonlijkheid. Zijn kleurrijke karakter bleek toen hij als jongeman genas van tuberculose, wat toen allerminst vanzelf sprak, en dat vierde door vanaf dat moment een hartstochtelijk sigarenroker te worden. Zelf was Rickey een matig honkbalspeler. Ook als trainer en coach zou hij geen furore maken. Zijn plek in de geschiedenis heeft hij te danken aan zijn optreden als sportmanager. Hij zou verschillende innovaties doorvoeren die het honkbal tot op vandaag kenmerken. Hij bedacht het farm system waarin jonge spelers ervaring op kunnen doen bij filialen van de grote profploegen. In de grote Amerikaanse sporten is het gebruikelijk dat een speler promotie kan maken in plaats van een club. Sinds Rickey is het de gewoonte geworden dat een slagman met een helm het slagperk betreedt, een geweldige impuls voor de veiligheid. Zijn grootste verdienste is echter bij uitstek zijn succesvolle inspanning om de kleurgrens te doorbreken.

    Hoe komt het toch dat Amerikaanse publicisten alleen al over honkbal aan de lopende band prachtige non fictie boeken schrijven en dat Nederland nauwelijks een traditie kent van interessante sportboeken?


    De drijfveer van Rickey om de poort voor zwarte spelers te openen was niet louter idealistisch. Er was een stevige portie pragmatisme en commercie in het spel. Zwarte sporters waren actief in een eigen league en het was duidelijk dat zich onder hen zeer getalenteerde spelers bevonden. Met behulp van zwarte spelers kon je op een goedkope manier, toen nog wel, je team sterker maken. De idealistische kant bij Rickey ging terug op een streng christelijke overtuiging die hij van zijn moeder had meegekregen. Zijn vader stimuleerde hem om hard te studeren, zijn moeder om een gelovig mens te zijn. De heersende opvatting zo kort na de Tweede Wereldoorlog luidde dat er voor zwarten geen plek was in de profsport. Wel goed genoeg als kanonnenvoer op het slagveld maar ongeschikt voor de sportarena. De ironie wil dat de opvatting van Rickey’s tegenstanders eveneens religieus gevoed was. Het is inde regel heilzamer om mensen niet op hun inspiratiebronnen en intenties te beoordelen maar op hun gedrag. Rickey was een lichtend voorbeeld aan de goed kant van de streep.
    Jackie Robinson was door Rickey met zorg gescout. Het was evident dat de eerste zwarte speler bestand moest zijn tegen een lawine aan kritiek en agressie. Zelfbeheersing was een absolute vereiste. Verder was het nodig om in de omgeving de goede voorwaarden te scheppen. Er was steun bij de politiek nodig maar ook bij de eigen club van zowel eigenaren als medespelers. En niet in de laatste plaats was de bereidheid van de zwarte gemeenschap een must om deze koers in te slaan. Robinson beschikte over de zelfbeheersing en bleek een uitstekende speler. Het blijft aangrijpend om te lezen wat de eerste lichting zwarte spelers overkwam. Zij waren niet welkom in hetzelfde hotel als hun teamgenoten en als dat toch werd toegestaan moesten zij op hun kamer de maaltijd gebruiken. De scheiding tussen blank en zwart was niet verankerd in de Amerikaanse wet zoals in Zuid-Afrika maar had het karakter van een code. Een wet kun je veranderen maar bij een code, die zit opgesloten in de karakters van mensen, is dat lastiger.
    Breslin heeft in een letterlijk dun bestek van nog geen 150 bladzijden een veel beschreven hoofdstuk uit de sportgeschiedenis opnieuw verteld overigens zonder veel nieuwe gezichtspunten aan te snijden. Hij stapt soms snel over iets heen en ruimt dan weer veel aandacht in voor de letterlijke teksten van processen-verbaal van de krijgsraad waar een jonge Jackie Robinson zich moest verantwoorden voor een misdraging. Het enige smetje op zijn cv. Naar mijn smaak is het ook niet het beste boek van Breslin over honkbal geworden. Afsluitend geef ik mijn tien favoriete non fictie boeken over honkbal waarbij het verschil met de Nederlandse sportliteratuur in het oog springt. De Nederlandse sportjournalistiek wordt al decennia gedomineerd door bejaarde jongens die via de media hunkeren naar de aandacht die zij van hun vader nooit kregen. Denk aan Frits ikbelClarenceweleven Barend, Mart jatoch Smeets en Johan steekteenhoopcentjesinzijnzak Derksen. Dat is geen goed startpunt om mooie sportboeken te schrijven. Gelukkig meldt zich een nieuwe generatie waar meer van te verwachten valt.
    Favoriete non fictie over honkbal alfabetisch naar auteur
    Roger Angell Game time
    Thomas Boswell Why time begins on opening day
    Jimmy Breslin Can’t anybody here play this game?
    David Halberstam Teammates
    Roger Kahn The boys of summer
    Michael Lewis Moneyball
    George Plimpton Out of my league
    Dan Shaughnessy The curse of the bambino
    Guy Talese The silent season of a hero
    John Updike Hub fans bid kid adieu