Leesimpressies

  • Khaled Khalifa: De dood is een zware klus

  • Nr. 6 - 2018
  • Bij de selectie van een volgende vakantiebestemming valt Syrië in de eerste schifting af. De beelden van Aleppo en Homs, waar geen steen meer boven op de andere staat, zijn overbekend. Het is onder dictators niet de gewoonte dat zij, geconfronteerd met oppositie, vrijwillig afstand doen van de macht. De gedachte dat anderen beter in staat zijn om leiding te geven aan het land komt niet bij hen op. Liever jagen zij miljoenen landgenoten op de vlucht of de dood in. Het zou prachtig zijn als president Bashar al-Assad, met zijn uiterlijk van een verstrooide kwezel, zich op enig moment bij een internationaal gerechtshof zou moeten verantwoorden voor de wandaden die hij zijn volk heeft aangedaan. Europa ondervindt dagelijks de gevolgen van de grote vluchtelingenstroom. Mijn overburen zijn Syrische statushouders. Hoe ellendig de situatie in het thuisland ook is, nog steeds zijn er miljoenen inwoners die in eigen land vertoeven. Is er nog iets van een normaal leven over? Zijn er Syrische schrijvers die verslag doen van het drama dat zich voltrekt? Khaled Khalifa is zo’n Syrische schrijver die in zijn laatste boek verslag uitbrengt van een familiegeschiedenis. Met op de achtergrond ontploffende granaten en raketinslagen.

    Khalifa introduceert een familie op het moment dat de pater familias net is overleden. Deze Abd al-Latief as-Salim heeft vlak voor zijn heengaan de toezegging afgedwongen bij zijn zoon Boelboel dat hij begraven wil worden op de plek waar hij zijn jeugd heeft doorgebracht. Hij wil begraven worden naast zijn zuster die lang geleden op haar bruiloft zelfmoord heeft gepleegd als verzetsdaad tegen een gearrangeerd huwelijk. Het probleem is dat de beoogde begraafplaats enkele honderden kilometers verwijderd is van de plaats waar de overledene zich bevindt. Hoe krijg je het lijk van A naar B? Boelboel is bangig van aard maar voelt het als zijn plicht om de laatste wens van vader te respecteren. Hij doet een beroep op broer Hoessein en zus Fatima om de klus gezamenlijk te klaren. Het drietal gaat op pad en lijkt weer even een gezin te vormen zoals lang geleden. De werkelijkheid is dat zij nauwelijks meer een onderlinge band voelen. Zij vormen met tegenzin een verbond en beginnen aan een riskante reis. Ook de politiek heeft scheidslijnen getrokken tussen de familieleden. Vader Abd al-Latief as-Salim is aanhanger van de oppositie, zoon Boelboel woont in Damascus en is ogenschijnlijk een volgeling van het regime. Het drietal chartert een minibusje en Hoessein, van beroep chauffeur, neemt plaats achter het stuur. Ze gaan van controlepost naar controlepost en vorderen langzaam.

    En alle drie wisten ze dat ze na de begrafenis weer zouden terugkeren naar hun eenzaamheid en isolement en dat ze bang waren elkaar in de ogen te kijken, omdat ze niet wilden zien hoe diep de kloof was die hen scheidde


    Onderweg dienen zich talloze problemen aan. Stoffelijke overschotten bieden een even gangbare aanblik als uitgebrande tanks. Het is elke keer afwachten welke gezindheid de volgende controlepost aanhangt. Heerst er de geest van het Vrije Syrische leger of die van het presidentiële regime? Er is bovendien het praktische dilemma of je in een busje met een lijk thuis hoort in de rij voor passagiers of voor goederen. En omdat de bureaucratie nooit slaapt, rijst telkens de vraag of de papieren in orde zijn. Voor de staat is een mens louter een verzameling documenten. Tegen het eind van de reis wordt Boelboel aan een emir voorgeleid die hem in religieuze zin de les leest. De emir vindt de trip overbodig. ‘Het hele land van de islam dient als begraafplaats voor moslims. Het idee van een laatste wil is nieuwlichterij en duidt op dwaling.’ De ontbinding van het lijk gaat onverminderd door en de stank wordt al maar ondragelijker.
    Khalifa onderbreekt het reisverslag diverse malen om stil te staan bij eerdere gebeurtenissen in de historie van de hoofdpersonen. Dat gebeurt op een verbrokkelde manier met grote sprongen in de tijd. Er zit niet veel ontwikkeling in de personages en evenmin in hun onderlinge verhouding. Hoewel Khalifa gebruik maakt van een alwetende verteller, krijgt de lezer veel meer mee van het personage Boelboel dan van diens broer of zuster. Dat maakt de roman er niet evenwichtiger op. Je voelt als lezer compassie vanwege de erbarmelijke omstandigheden waarin het verhaal zich afspeelt en veel minder vanwege de in zichzelf opgesloten personages. De roman doet bovendien sterk denken aan het vorige boek dat van Khalifa in vertaling is verschenen. Ook in Er zijn geen messen in de keukens van deze stad kiest de schrijver voor het portret van een familie in ontbinding. Daar gaat het om een moeder en een naar Amerika uitgeweken vader met twee dochters en twee zonen. Kennelijk is de teloorgang van een gezin een onderwerp dat Khaled Khalifa na aan het hart ligt.