Leesimpressies

  • Muriel Barbery: Elegant als een egel

  • Nr. 17 - 2020
  • Toen een vriendin mij attendeerde op de roman van Muriel Barbery en de daad bij het woord voegde door haar exemplaar uit te lenen, moest ik erkennen nog nooit van haar gehoord te hebben. Ik wist natuurlijk wel dat achter het knotje van Simone de Beauvoir nog andere vrouwelijk schrijvers schuil gingen. Je hebt immers Duras, Colette, Ernaux, Reza, Sagan en Yourcenar om slechts enkelen te noemen. Fransen hebben niet te klagen over een tekort aan vrouwelijke schrijvers en dat doen ze dan ook niet. Mochten ze wel willen klagen dan trekken ze daar een speciaal hesje voor aan zodat ze in het journaal goed zichtbaar zijn. Muriel Barbery heeft voor haar roman een archetypische functionaris als uitgangspunt genomen: een conciërge van een luxe appartementencomplex in Parijs. Renée Michel is weduwe en midden vijftig. Elke dag staat zij klaar om de nukken en grillen van haar opdrachtgevers in ontvangst te nemen. Ze verzorgt de post, geeft hun hondjes en poesjes te eten, verzorgt de planten en constateert bij het aannemen van hun fooien dat het veinzen van rijkdom op dat moment bij wijze van uitzondering te wensen overlaat. Naar haar opdrachtgevers voldoet Renée Michel aan de verwachtingen maar voor zichzelf houdt zij er een heel ander leven op na.

    De conciërge uit de Rue de Grenelle kreeg in het eerste boek dat van Muriel Barbery in het Nederlands verscheen, De delicatesse, al een piepklein rolletje toebedeeld. Die novelle beschreef de laatste levensuren van de gevreesde culinaire criticus in het pand waar mevrouw Michel in de portiersloge de scepter zwaait. De ijdele bon-vivant slijt zijn laatste ogenblikken door herinneringen op te halen aan de gastronomische hoogtepunten van zijn leven. Het slotakkoord is gereserveerd voor de nagedachtenis aan de soesjes die hij in vroeger dagen nuttigde. Het gaat daarbij niet om de soesjes van een vermaarde patisserie maar gewoon om de exemplaren uit zijn jeugd afkomstig van de supermarkt. Gelukzalig blaast de criticus de laatste adem uit.
    De woning van de criticus wordt verkocht. Dat betekent een ingrijpende gebeurtenis. Soepel stappen we over van De delicatesse naar Elegant als een egel. Het is in geen decennia voorgekomen dat er een nieuwe eigenaar op het toneel verschijnt. Hooguit vindt er een generatiewisseling plaats. Een gedistingeerde Japanse man van rond de zestig is de nieuwe bewoner. Hij ontdekt de verborgen kanten van mevrouw Michel die zij met zo veel inspanning verborgen heeft weten te houden. Zij bestudeert filosofie, heeft meer affiniteit met het kantiaanse idealisme dan met de fenomenologie van Husserl, bewondert de stillevens van de Hollandse meesters en beluistert klassieke muziek. Ze is tevreden dat haar baan dagelijks enkele ogenblikken beschikbaar houdt voor het stillen van haar geestelijke honger als autodidact. Daar hebben de bewoners niets mee te maken.

    Omdat ik wel altijd beleefd, maar zelden beminnelijk ben, mag men mij niet, maar word ik toch getolereerd, omdat ik zo goed beantwoord aan wat het maatschappelijke geloof vergaard heeft aan paradigma’s aangaande de conciërge van een appartementengebouw


    Mevrouw Michel worstelt met een identiteitsprobleem. Vorig jaar kwam er een even informatief als beknopt boek uit van de Franse sociologe Nathalie Heinich. Zij onderscheidt aan het modieuze begrip identiteit drie dimensies. Ten eerste heeft ieder mens een zelfbeeld. Ten tweede is er het beeld dat een ander van jou heeft, wat ook wel je imago genoemd wordt. Het eerste staat voor de binnenwereld, het tweede voor de buitenwereld. Dan is er nog een derde aspect dat de eerder genoemde werelden met elkaar in contact brengt, de presentatie van het zelf. Identiteit wordt problematisch vanaf het punt dat de drie aspecten niet met elkaar in overeenstemming zijn. Mevrouw Michel probeert uit alle macht met haar presentatie aan te sluiten bij het imago dat anderen van haar hebben. Dat wijkt sterk af van haar zelfbeeld. Tegen het eind van de roman wordt duidelijk dat die controverse terug gaat op een ervaring uit haar jeugd. Kakuro Ozu, de nieuwe bewoner, ziet in mevrouw Michel de persoon die zij werkelijk is. Aan de hand van de namen van hun huisdieren herkennen de twee in elkaar hun liefde voor Anna Karenina van Tolstoi. Dat vormt het begin van een opmerkelijke vriendschap.
    Behalve mevrouw Michel laat Muriel Barbery nog een andere bewoner van de Rue Grenelle aan het woord. Dat gebeurt in dagboekvorm door de 12-jarige Paloma. Dat zeer eigenzinnig en uiterst intelligente meisje heeft een uitlaadklep nodig voor de aversie tegen haar hypocriete moeder en bazige zus. Paloma groeit op in een progressief gezin waar de politiek correcte opvattingen kind aan huis zijn. Het dagboek is een vorm van zelfonderzoek. Paloma wil nooit deel gaan uitmaken van de wereld der volwassenen. Zij wil geen goudvis in een vissenkom worden. Zij ziet vooralsnog geen andere uitweg dan zelfmoord op haar dertiende verjaardag.
    Mevrouw Michel, meneer Ozu en Paloma zijn drie buitenstaanders die zich als bondgenoten aan elkaar verbinden. Dat levert fraaie ontmoetingen op met elkaars wereld. Het is Paloma die de titel van de roman verklaart. Zij beschouwt de conciërge als iemand met de elegantie van een egel, stekelig van buiten en zacht van binnen. Hilarisch is een scene als mevrouw Michel voor het eerst ter gelegenheid van een etentje te gast is bij meneer Ozu. Haar kleine blaas noopt tot toiletbezoek maar hoe stel je zoiets aan de orde. Dat is nog niets vergeleken met de overweldigende ervaring die het feitelijke bezoek aan de beoogde ruimte bij haar te weeg brengt. Japanners en toiletten vormen een bijzondere combinatie.
    Muriel Barbery heeft met grote gedrevenheid haar personages geschilderd. De roman doet een beroep op de suspension van disbelief bij de lezer. Het verhaal is niet altijd even aannemelijk. Toch ben je bereid de auteur in haar enthousiasme en eloquentie te volgen. Je wilt het verhaal accepteren als camelia’s op het mos van Kyoto of als een overdadig beboterde snee brood belegd met mirabellenjam. Het boek is een aanrader in crisistijd. Barbery heeft een feel good roman geschreven.
    middelr@xs4all.nl