Leesimpressies

  • Nico Scheepmaker: Trijfels

  • Nr. 3 - 2006
  • In de boekhandel was mijn oog gevallen op de vorsende blik van Nico Scheepmaker te midden van stapels kranten als omslag van een lijvig boek. De titel Trijfels verwees naar de column die hij dagelijks voor de GPD bladen schreef. Hoewel ik van jongs af aan een liefhebber was van Scheepmaker besloot ik het boek in de winkel te laten. Zo’n 200 columns lezen van twintig tot dertig jaar oud was geen aanlokkelijk vooruitzicht. Kort daarna las ik de recensie van Kees Fens, een ongeneeslijke lezer met vaak een doorwrocht oordeel. Fens uitte een zuinige opvatting. Hij vond dat Scheepmaker omslachtig formuleerde en dat zijn werk de tand des tijd niet doorstaan had. Een opmerkelijk standpunt voor iemand die inspiratie pleegt te vinden bij oude kerkvaders. Zo’n reactie spoort aan tot zelf poolshoogte nemen.

    De columns van Scheepmaker bestrijken de jaren 1975 tot en met 1990. Het einde kwam abrupt toen Scheepmaker op 59-jarige leeftijd getroffen werd door een fatale hartaanval tijdens een partijtje tennis. In de periode van de Trijfels bezat ik geen abonnement op een krant uit de GPD stal en dus zal ik de meeste stukken niet eerder gezien hebben. Scheepmaker kende ik van zijn Hopper bijdragen in de Volkskrant, van televisierecensies en van zijn stukken over sport in de krant en voor de radio. En niet te vergeten van het boek Cruijff, Hendrik Johannes, fenomeen. Dat werk behoort nog altijd tot mijn favoriete sportboeken. Andere podiumkandidaten zijn The teammates van David Halberstam, Fever pitch van Nick Hornby, The boys of summer van Roger Kahn en De renner van Tim Krabbé. Het opstellen van zo’n rijtje is een bezigheid in de geest van Scheepmaker. Hij bewees dat je tegelijk van voetbal kon houden en hersens kon bezitten. In mijn middelbare schooltijd vormde dat een ongebruikelijke combinatie.


    Al na een paar doses van zijn columns was mijn herinnering weer opgefrist. Ik meende zo nu en dan de trage en onderkoelde stem van Scheepmaker op de achtergrond te horen. Een dagelijkse column is een goede manier om alles wat zich aandient in het leven aan recycling te onderwerpen. Het is wel gewenst om daar dan iets aan toe te voegen. Dat kan zijn een mening, een nieuwe zienswijze of gewoon het vieren van de belevenis. Scheepmaker bediende al deze registers. Typerend voor hem is om een gebeurtenis via een vergelijking van nieuw perspectief te voorzien. Dat doet hij bijvoorbeeld met een stuk uit 1989 dat handelt over Kosovo. Stel je voor dat Juliana (Tito) aan Noord-Holland (Servie) als onderdeel van Nederland (Joegoslavië) opdraagt om aan ’t Gooi (Kosovo) zelfbestuur toe te staan. Zoiets is aan de ene kant aardig gevonden maar schiet tegelijk tekort. Het problematische aan Kosovo is juist de moeizame relatie tussen de belangrijkste bevolkingsgroepen wat zich niet laat vertalen naar de Gooise maat. Omdat situaties vrijwel nooit identiek zijn, gaat elke vergelijking mank. Toch kan het helpen om beweging te krijgen in onwrikbare standpunten mits de lezer daar voor open staat. Een columnist die daarin slaagt heeft niet voor niks geschreven. Het toepassen van wat rekenwerk is voor Scheepmaker ook een beproefde methode om tot een vergelijking te komen. Zo herleidt hij het hoge bedrag van ƒ90,- voor een deel van Multatuli’s Volledige Werken via de berekening van de prijs per pagina tot goedkope proporties. Een andere keer stelt hij bij een lezing op het Friese platteland met voldoening vast dat de bijna 100 bezoekers overeenkomen met negen stampvolle stadsschouwburgen als hij dezelfde lezing in Amsterdam gehouden zou hebben. Scheepmaker was de zoon van een accountant zonder motivatie het bedrijf van zijn vader voort te zetten. Het beroep was hem te saai. Via het cijferen in zijn columns kon hij toch iets van de traditie voortzetten.

    Belangstelling is bij Scheepmaker nooit op rantsoen. Zware onderwerpen wisselen de lichte af. Nu eens gaat het over Nederlandse burgemeesters die zich verzetten tegen het uitzetten van asielzoekers dan weer over de terugval in zindelijkheid van dochtertje Janna.

    Lezend krijg je de indruk dat Scheepmaker nog voor een gebeurtenis zich afspeelde al zin kreeg daar een stukje over te maken. Schrijfplezier is nadrukkelijk aanwezig. Daarover morgen meer krijgen we regelmatig als aankondiging voorgeschoteld. Op dat punt laat de bundeling het menigmaal afweten. In plaats van het vervolg presenteren de samenstellers ons een ander onderwerp.

    De montere toon van de stukken maakt af en toe plaats voor grimmigheid. Dat is vooral het geval als de positie van Russische of Joegoslavische dissidenten ter sprake komt. Scheepmaker was zeer betrokken bij hun lot. In militaire dienst leerde hij Russisch en later studeerde hij in Belgrado Servo-Kroatisch. Die kennis resulteerde onder meer in een vertaling van Pasternaks Dokter Zjivago.

    De waardering voor Nico Scheepmaker is bij mij levend gebleven. Juist in een periode dat allerlei gemankeerde deskundigen ons overvoeren met commentaren over het Nederlands elftal wordt hij node gemist.

Lijstjes

Deze auteur komt voor in de lijstjes: