Leesimpressies

  • Nino Haratischwili: Het achtste leven voor Brilka

  • Nr. 23 - 2017
  • Georgië is vermoedelijk het enige land ter wereld waar een meisje uit Terneuzen de positie van first lady heeft verworven. Het meisje was inmiddels een vrouw geworden en haar man had zich van een revolutionaire democraat ontwikkeld tot een corrupte potentaat met grootheidswaanzin. Hij wilde als leider van het land Poetin een lesje leren. Voor Poetin vertegenwoordigt Georgië gelijk elke andere voormalige Sovjetrepublieken net zoiets als een paard. Je kunt er met ontbloot bovenlijf bovenop zitten. De relatie tussen Georgië en Rusland vormt het achtergronddecor in de meer dan honderd jaar die Nino Haratischwili uittrekt om de geschiedenis van een familie te beschrijven. En wat voor een familie. Er is zoveel eigenzinnigheid dat het een wonder mag heten dat de auteur het met 1269 bladzijden af kon. Het boek bevat een overrompelend verhaal waarin de saaiheid schittert door afwezigheid. Het verhaal dat Haratischwili schetst begint rond 1900 en omvat zes generaties. De Brilka uit de titel is de jongste telg. Zij is in 1993 geboren. Het boek is voor haar geschreven zodat zij kan herkennen in welke traditie haar drang tot een eigen koers zich beweegt. Eigenzinnigheid slaat niet graag een generatie over.

    Als stamvader fungeert een chocoladefabrikant. In 1900 wordt de eerste van vier dochters geboren met behulp van twee echtgenotes. De chocoladefabrikant heeft een recept voor een warme chocoladedrank ontwikkeld waarvan zowel de geur als de smaal onweerstaanbaar zijn. Het recept is geheim en dient voor altijd familiebezit te blijven. Nadeel van de drank is dat degene die het drinkt met tegenspoed geconfronteerd wordt. Op de drank rust een vloek. Tot zover lijkt het of Haratischwili een sprookje wil vertellen. Niets is minder waar. De roman kent een overdosis aan harde werkelijkheid. Er is nauwelijks een dramatische gebeurtenis uit de geschiedenis van Rusland en Georgië denkbaar of deze heeft een plaats in het boek gekregen en werkt door in de levens van de familieleden. De meeste familieleden dromen van een bestaan in het buitenland, bij voorkeur in een mondaine Europese stad. De aantrekkingskracht van het Groene Huis in Tbilisi oefent altijd een tegengestelde kracht uit. Neem Stasia. Zij is de oudste dochter van de chocoladefabrikant, die als enige voor nageslacht zal zorgen en droomt van een bestaan als balletdanseres in Parijs. Op een morgen dat zij alleen thuis is, maakt een jonge officier zijn opwachting. Zij weet direct waar ze aan toe is.

    Hij was het dus. Het ging om hem. Hij was de toornige god door wie ze haar straf zou krijgen. Hij was de borg voor de toekomst. Hij was de slachter, hij was de beul. Ze verbleekte en wankelde de kamer uit


    Naast een gevoel van beklemming ervaart Stasia ook gevoelens van verliefdheid. De officier krijgt de zegen van de chocoladefabrikant. Niet het echte Parijs maar Tbilisi, het Parijs van de Kaukasus, is haar voorland. Stasia en haar officier krijgen een zoon en een dochter. Binnen de familie lukt het beter om dochters dan zonen te baren. Op veel van de vrouwen wachten zware beproevingen. Grote liefdes komen in de familie veel voor. Gelukkige huwelijken zijn een zeldzaamheid. Maar ja, huwelijken gaan langer mee dan liefdes. Een terugkerend verschijnsel in de familie is dat een kind een nauwere band met een tante aanknoopt dan met een eigen ouder. Daarnaast zijn er vriendschappen die generaties lang het leven van de familieleden helpen bepalen. Liefde en politiek kruisen elkaar soms. Christine, een zus van Stasia wordt een maîtresse van Stalin, een onverzadigbare verslinder van vrouwen. Stalin staat nog aan het begin van zijn politieke loopbaan en verblijft nog in zijn thuisland Georgië. Hij heeft de reputatie van een crimineel, van een bankrover. Het is allemaal sprokkelwerk vergeleken met de misdaden die hij later zal begaan. Hij laat Christine na een telefonische aankondiging met een zwarte Bugatti naar zijn paleisje vervoeren als hij daar behoefte aan heeft. Tegen Stalin zeg je geen nee.
    De roman wordt verteld door Nitsa, geboren in 1973. Zij is de halfzuster van de moeder van Brilka. De leeftijd van Nitsa lijkt een beperking om de levens van haar voorgeslacht in detail te schetsen. Toch slaagt zij daarin. Dat lukt haar doordat zij van jongs af aan een hechte band heeft met haar overgrootmoeder Stasia. Met eindeloos geduld tapt zij het geheugen van Stasia af. “Stasia’s verhalen namen bezit van me, ik was ervan vervuld. Zonder het zelf te begrijpen droomde ik ervan ze op te schrijven, ze in mijn eigen woorden weer te geven.” Het opschrijven is een poging om al die verbrokkelde levens weer tot een geheel te smeden. Dat komt goed van pas als de 12-jarige Brilka, verblijvend met haar dansgroep op bezoek in Amsterdam, weigert naar huis terug te keren. Nitsa die dan in Berlijn vertoeft is de aangewezen persoon om in te grijpen. De psychologische afstand tussen tante en nicht is moeizaam te overbruggen. Het uitgeschreven familieverhaal is de aangewezen weg voor de twee om nader tot elkaar te komen. Dat heeft een memorabele roman opgeleverd. Het familieverhaal bestaat uit acht boeken elk vernoemd naar een hoofdpersoon. Het achtste deel met de titel Brilka is leeg gebleven. Daar mag zij zelf invulling aan geven.