Leesimpressies

  • Pascal Verbeken: Brutopia

  • Nr. 35 - 2019
  • Stel dat iedereen een lang weekend aangeboden zou krijgen in een Europese hoofdstad naar keuze, zou dat tot veel extra drukte in Brussel leiden? Vermoedelijk niet. De meeste metropolen beschikken over meer uitstraling. De eigen signatuur overtuigt niet. Vlees noch vis en het copycat gedrag met de blik naar Parijs springt in het oog. Geen Vlaanderen en geen Wallonië. Het gehakketak over de kieskring Brussel-Halle-Vilvoorde duikt op uit het geheugen. Het symbool van de stad is een in brons gegoten plassend kereltje. Dan is er nog een euvel waar Charles Baudelaire al over schreef: een hoofdstad behoort aan een rivier te liggen die wat voorstelt. Brussel is de hoofdstad van het kunstmatige België. De start was van meet af aan ongelukkig. Wie begint er nu een revolutie tijdens een opera in de Muntschouwburg? Franstalige separatisten kwamen in opstand en wilden los van Nederland op eigen benen staan. De Franstaligen koesterden hun zelfvertrouwen. Het zou nog een tijd duren voordat zij hun hand moesten ophouden bij de Vlaamse buren. Na de liefdesverklaring van Koen Peeters aan Oostende gelezen te hebben, is het een passend gevolg om kennis te nemen van wat Pascal Verbeken over Brussel naar voren brengt.

    Zoals de titel van het boek suggereert heeft Brussel de nodige utopische denkers voortgebracht dan wel onderdak geboden. Karl Marx schreef er zijn Communistisch Manifest. Hoewel het door dictators gecorrumpeerde communisme uit de mode is geraakt, bevat dit werk enkele gedachten die ook nu tot inspiratie kunnen dienen. Multatuli schreef zijn Max Havelaar eveneens in Brussel. De stad was in de negentiende eeuw een vrijplaats voor denkers en schrijvers die in hun thuisland de mond gesnoerd werden. Uit Frankrijk kwamen bijvoorbeeld de schrijvers Charles Baudelaire en Victor Hugo. De eerste krijgt in het boek een eigen hoofdstuk. Een utopist is hij moeilijk te noemen. Hij benutte de aangeboden vrijheid vooral om zijn gal over Brussel en België te spuwen.
    Tegelijk met Marx ventileerde Joseph Charlier zijn opvattingen over een onvoorwaardelijk basisinkomen om aldus de armoede de wereld uit te helpen. Rutger Bregman mag in Davos de rijken der aarde de gordijnen in jagen maar zijn ideeën zijn oude wijn in nieuwe zakken.
    Het knutselen aan een nakende heilstaat kwam vaker voor. De wereldtentoonstelling van 1958 belichaamde het vertrouwen in de toekomst. De technologische ontwikkeling zou de mensheid welvaart en gemak brengen. Het Atomium getuigt tot op de dag van vandaag van dat vertrouwen. Verbeken koos voor de omslag van zijn boek een schitterende foto van de aanleg van dit kunstwerk. Bijna al het andere dat op de wereldtentoonstelling te zien was, is door de slopershamer verwijderd.
    De slopershamer vormt een rode draad in het boek van Verbeken. De gewone Brusselaar was steevast het kind van de rekening. Het slopen gebeurde rond het Noordstation, kruispunt van de as Londen-Istanboel en de as Amsterdam-Parijs, maar evenzeer bij het Jubelpark om de EU met prestigieuze gebouwen op te tuigen. Opmerkelijk zijn de bouwputten die nodig waren om een spoorverbinding aan te leggen tussen de kopstations Noor en Zuid. Die verbinding kwam pas in de jaren vijftig gereed terwijl het land meer dan eeuw eerder koploper op het continent was in treinverbindingen. Alle ambities hebben de stad geen herkenbare identiteit kunnen geven.

    Parijzenaars zijn meer betrokken omdat hun stad een bron van trots is. Een nieuwkomer in New York is na drie jaar een New Yorker. Brussel is meer een consumptiestad: ze wordt gebruikt en verbruikt, vaak met een grote achteloosheid


    Brussel is tegenwoordig net als zoveel metropolen een allegaartje van nationaliteiten, zowel met een legale als illegale verblijfstatus. Dat is wennen voor alle partijen. Het genereert utopieën met een ander karakter. De aanslagen in Parijs , in Maalbeek en Zaventem wezen in de richting van Molenbeek, om die reden nu wellicht de bekendste wijk van Brussel. De Marollen overtroefd. In Molenbeek wortelt het salafisme bij menigeen ontaardend in terroristische activiteiten. Haatimams en internet weten de kruimeldiefjes en drugsrunners om te scholen tot onverdraagzame jihadi’s. De gebrekkige leefbaarheid in de wijk werkt de ontvankelijkheid voor het kwaad in de hand.
    In vergelijking met Koen Peeters heeft Pascal Verbeken een andere weg gekozen om zijn stedelijke onderwerp te behandelen. Bij Peeters overheerst de persoonlijke impressie die zijn verhaal doet fonkelen. Verbeken kiest voor een meer journalistieke aanpak. Hij heeft zijn huiswerk gedaan en zijn bevindingen met zorg onder woorden gebracht. Toch mis ik een beetje de eigen inbreng. Het zijn redelijk op zichzelf staande artikelen geworden waarbij de auteur een positie op de achtergrond inneemt. Het voorwoord en het nawoord legt hij in handen van Sint-Michaël, die als schutspatroon boven op het dak van het stadhuis, al eeuwenlang een goed uitzicht over de stad heeft. Wat is de analyse van Verbeken? Wat heeft zijn research hem aan nieuwe inzichten opgeleverd? In hoeverre is het complexe bestuurlijke model van België en Brussel debet aan de chaotische ontwikkelingen? Te midden van alle aandacht voor het verleden ontbreekt de focus op het heden en de nabije toekomst. Heeft Verbeken een ideeëngeschiedenis willen schrijven of een boek over stadsplanning? Uiteindelijk is Brutopia een leesbaar boek geworden dat niet helemaal bevredigt.