Leesimpressies

  • Peter Middendorp: De lachende derde

  • Nr. 46 - 2009
  • Jan Peter Balkenende is een man die beschikt over vele talenten. Niemand kan zo naturel een lettergreep wegmoffelen als hij in autobielindustrie. Hij inspireert bovendien tot het schrijven van boeken. Peter Middendorp schrijft columns voor gratis krant De Pers. Dat resulteerde vorig jaar in een bundeling met de fraaie titel Lange Poten. Dat waren observaties van een buitenstaander rond het Binnenhof. Niet alleen politici maar ook journalisten konden zich warmen aan zijn belangstelling al was er voor Ferry Mingelen en Max van Weezel weinig reden tot juichen. Nu is er een nieuw boek De lachende derde. Het interessegebied is versmald tot Jan Peter Balkenende. Dit onderwerp moet het doen met een kleiner formaat en is dunner. Voor een deel bestaat het uit eerdere columns met daarnaast niet eerder verschenen stukjes. De toon is vergelijkbaar met die in Lange Poten.

    Hoewel ik enkele keren moest lachen bij het lezen van de stukjes van Middendorp is er ook iets in zijn aanpak dat me niet bevalt. De wijze waarop Mariëtte Hamer op een receptie een gehaktbal naar binnen duwt is hilarisch maar wat is de relevantie van het beschrevene? Moeten zij die onder de Haagse kaasstolp bivakkeren zich realiseren dat zij nimmer onbespied zijn en zal dat leiden tot nog kunstmatiger gedrag? Middendorp analyseert de politiek niet. Hij verricht geen research. Noch interviewt hij de hoofdrolspelers. Hij kijkt toe en noteert. Zonder commentaar en duiding registreren kan leiden tot vernietigende inkijkjes. De VPRO wist deze techniek vele jaren terug tot sublieme hoogten te verheffen. De stylering van de lulligheid en het genre afzeiktelevisie was geboren. Het is echter veel nagevolgd en de glans is er af. Gezien de grote ergernis over de politiek en de opkomst van het populisme zou het nu van meer moed getuigen om het voor de politiek op te nemen. Afzeiken doet iedereen al.


    Waar de anderen Pim Fortuyn bevochten, zat hij er in de dooie hoek van de professor een beetje ongemakkelijk bij te lachen, en won de verkiezingen vervolgens met overmacht


    Het moet gezegd dat Middendorp in zijn boek over Balkenende een voorzichtige poging waagt om tot een verklaring te komen. Er zijn 17 miljoen Nederlanders en waarom is juist deze man al zeven jaar tot het hoogste ambt geroepen? Dat is toch niet allemaal op het conto te schuiven van Jack de Vries, de man met een grijns die je eerder in Opsporing Verzocht dan in de Trêveszaal zou verwachten? Middendorp geeft in de titel het antwoord. Binnen het CDA werd hij als onbeschreven blad lijsttrekker nadat Marnix van Rij en Jaap de Hoop Scheffer elkaar de laan uitgestuurd hadden. Vlak daarna elimineerde Fortuyn de puinhopen van Paars in de personen van Dijkstal en Melkert, waarna Volkert van der G enz.. Zonder helder profiel hogerop.

    Middendorp bezoekt Kapelle-Biezelinge, de plek waar Balkenende opgroeide, in de hoop het object van zijn belangstelling te doorgronden. Dat helpt allemaal weinig. Tot dusver was Kapelle landelijk bekend vanwege de pastorie waarvan Annie M.G. Schmidt met opluchting de deur achter zich dicht trok. Middendorp noteert wat dorpsroddels en ook hij, net als menig cabaretier vermaakt zich over moeder Thona Balkenende. Waarom moeten wij weten dat zij op een bepaald moment niet meer in de kerk verscheen? Het is mijn overtuiging dat de politieke overlevingskansen van Balkenende zijn gesterkt door het mededogen dat de kritiek op zijn uiterlijke verschijning en afkomst heeft opgeroepen. Het bekritiseren van zijn ideeën en stijl van politiek bedrijven zou vermoedelijk effectiever zijn geweest. Eerlijkheidshalve mag opgemerkt worden dat Middendorp daar wel een aanzet toe doet. Aan bod komt de discrepantie tussen de bevlogen artikelen over het dragen van verantwoordelijkheid en de drang om zaken toe te dekken in dossiers als de brand in het Catshuis en de Nederlandse betrokkenheid bij de oorlog in Irak. Een punt dat mij altijd opvalt aan de premier is zijn ambivalentie in kwesties van fatsoen. Iedereen kan constateren dat er in de publieke ruimtes veel horkerigheid voor komt. Zijn benepen ‘fatsoen moet je doen’ is daarop een bleek antwoord. Tegelijk zien we onze premier glunderen als hij naast Herman Heinsbroek in diens Ferrari mag plaatsnemen. Er is de bewondering voor schuinsmarcheerder Silvio Berlusconi, de stuitende serviliteit bij het bezoek aan Bush, de foto op zijn bureau van Prins Bernhard, de openbare loftuitingen voor Dirk Scheringa op het moment dat de Nederlandsche Bank als toezichthouder tot het inzicht is gekomen dat deze man niet te handhaven is aan de top van de DSB-bank. Waarom valt onze eerste fatsoensrakker op foute mannen?

    Recent kwam daar het Europese debacle bovenop. Openheid was opnieuw niet het handelsmerk van Balkenende. Voor een half miljard burgers van Europa is Herman van Rompuy de eerste president. De Belgische premier kent gedichten uit het hoofd; die van ons sms’t met Jan Smit over een verbroken verloving. Het is een te rechtvaardigen afloop. Kwam er in het begin van zijn ambtsperiode nog wel eens een zinnetje Etzioni over de pruilende lippen, tegenwoordig vormen Bekende Nederlanders uit de roddelbladen zijn referentiepunt. Jan Peter B. en Ali B. gezamenlijk in een praatprogramma. Als compensatie voor de mislukte transfer naar Brussel resteert de zoete herinnering aan de kus van Bridget en Katja.