Leesimpressies

  • Stewart O’Nan: Laatste avond in de Lobster

  • Nr. 15 - 2010
  • Het heeft even geduurd maar nu zijn er twee romans van Stewart O’Nan in Nederlandse vertaling beschikbaar. Misschien heeft zijn uitverkiezing tot de categorie beste jonge Amerikaanse schrijvers door het literaire tijdschrift Granta geholpen. Je kunt discussiëren over wat jong is. Binnen een jaar wordt hij vijftig. In 2008 verscheen zijn debuutroman Sneeuwengelen, daterend uit 1994, en dit jaar Laatste avond in de Lobster. Beide boeken ademen een vergelijkbare sfeer. O’Nan schetst de wereld van small town Amerika waar gewone mensen hun levens maar niet op de rails krijgen. Voor lezing van de twee romans kende ik O’Nan uitsluitend via het non-fictie boek Faithful. Op grond daarvan had ik me een heel andere voorstelling van zijn romans gemaakt. Soms moet je eerste indrukken bijstellen.

    Van Faithful heb ik zeer genoten. Stephen King en Stewart O’Nan hebben daarin hun mailcorrespondentie gebundeld waarin zij dagelijks commentaar leveren op de verrichtingen van de Boston Red Sox in het seizoen 2004. Dat jaar eindigde met het winnen van de World Series waardoor er een einde kwam aan bijna honderd jaar frustratie van net niet of helemaal niet. Net als Nick Hornby deed met zijn passie voor voetbalclub Arsenal in Fever pitch, laat Faithful zien wat de liefde voor een club met ogenschijnlijk volwassen mannen weet te doen. King en O’Nan zijn echter snediger dan Hornby. Niet toevallig bestaan er twee filmversies van Fever pitch, een Engelse en een Amerikaanse.

    Ook in een kampioensjaar zijn er teleurstellingen. De ploeg die de honkbaltitel wint, verliest minstens zestig wedstrijden in een seizoen, stuk voor stuk aanslagen op het eigen zelfrespect. Dat roept om een schuldige: de coach, de clubleiding, de scheidsrechter, de tegenstander of zelfs de eigen korte stop. O’Nan komt uit Faithful te voorschijn als een fanaticus. Hij wordt zelfs uit het stadion geweerd als hij bij een thuiswedstrijd in Fenway Park zijn opwachting maakt met een schepnet om zich zo vanaf de tribune te mengen in het wedstrijdverloop. Hij lijkt iemand die is blijven steken als jongetje. De romancier O’Nan is van een ander kaliber.


    Waarom zou je willen lezen over sneue types die van hun leven een puinhoop maken? Omdat Stewart O’Nan hun verhaal vertelt


    In Sneeuwengelen volgen we afwisselend het leven van een puber jongen en van een iets ouder meisje dat vroeger bij hem thuis als babysit fungeerde. De jongen gaat gebukt onder de scheiding van zijn ouders. De babysitter is inmiddels getrouwd met een psychisch gestoorde man en heeft met hem een dochtertje. Als stukjes in een legpuzzel krijgen we de aanloop naar de dramatische gebeurtenissen opgediend die de levens van de hoofdpersonen bepalen. Het verhaal wordt verteld via sprongen in de tijd en met een scherp oog voor details. Veel speelt zich af in de donkere dagen voor kerstmis te midden van de sneeuw. Die laatste ingrediënten zijn er ook in Laatste avond in de Lobster. Het schrijverschap van O’Nan is intussen gerijpt. Hij heeft minder schokkende gebeurtenissen nodig om toch indruk te maken.

    We arriveren met de uit Porto Rico afkomstige Manny DeLeon bij het wegrestaurant de Red Lobster. Het voorblad van de roman brengt al een sfeertekening aan. Manny is als bedrijfsleider het eerst aanwezig en die avond opent het restaurant voor de laatste keer. Het hoofdkantoor heeft geconcludeerd dat er niet aan de verwachtingen voldaan is. De boel gaat dicht. Manny voelt zich verplicht, en met plichtsgevoel is hij rijk bedeeld, om van de avond een succes te maken. Voor hem is er een plek beschikbaar bij een ander restaurant, de Olive Garden een eindje verderop. Enkele werknemers kunnen mee, voor anderen resteert er werkloosheid. Vanwege het barre weer zijn er die laatste avond weinig gasten. Er stopt een bus met Chinezen maar die maken alleen gebruik van het toilet door toedoen van de elders geconsumeerde bedorven mosselen. Ze drinken alleen wat water. Manny is verliefd op serveerster Jacquie voor wie er ook geen toekomst is al wil hij zich graag sterk voor haar maken evenals voor de andere slachtoffers. O’Nan schetst met grote precisie de verhoudingen tussen het personeel. Tussen hen lopen draden van vriendschap en vijandschap. Manny is permanent bezorgd. Zullen de medewerkers deze laatste avond loyaal hun werk doen? Kunnen zij dat opbrengen? Met behulp van details wordt de sfeer getekend. Er is popmuziek op de achtergrond en de verrichtingen van de Steelers of de Penguins uit het nabij gelegen Pittsburgh worden bijgehouden al naar gelang iemand in football of ijshockey geïnteresseerd is. Hoewel er nauwelijks iets avontuurlijks gebeurt, is er van begin tot eind een bepaalde spanning. O’Nan schrijft in de tegenwoordige tijd en zit zijn personages dicht op de huid. Zoals je bij de film The Hurt Locker twee uur in spanning zit of er een bom tot ontploffing komt, doet Laatste avond in de Lobster iets vergelijkbaars met je. De film speelt echter in grimmig Bagdad en volgt de werkzaamheden van soldaten bij de explosievenopruimingsdienst. O’Nan daarentegen volgt de gang van zaken in een wegrestaurant op een stille avond. Het is knap om dan zo’n effect te bereiken. O’Nan deelt met de lezer de hoop en vrees die zijn personages koesteren. Onfortuinlijk als ze zijn, voel je mee met het mededogen van de auteur. Doe mij nog maar een paar vertalingen van Stewart O’Nan.