Leesimpressies

  • Vladimir Vojnovitsj: Monumentale propaganda

  • Nr. 9 - 2010
  • Opeens schoot de vraag door mijn hoofd: wat is er geworden van Vladimir Vojnovitsj? Er verschijnt nooit meer een boek van hem in Nederlandse vertaling. Leeft hij nog? Wikipedia meldt gelukkig geen sterfjaar. De markering van het leven moet het vooralsnog doen met de geboortedatum 26 september 1932. De schrijver van onderhoudende satires als De merkwaardige lotgevallen van soldaat Ivan Tsjonkin en De bontmuts is met de ineenstorting van het Sovjetimperium toch niet van zijn inspiratie beroofd. Er is op internet een foto uit 2008 te vinden waarop de voormalige dissident de hand schudt van Poetin. Het laatste boek, dat van Vojnovitsj in vertaling verscheen, heet Monumentale propaganda en dateert van 2002. Het werd uit de kast geplukt. Zo’n vraag doemt niet voor niks op.

    De roman schetst de levensloop van Aglaja Stepanovna Revkina. Zij kent een grote passie. Die besteedt zij niet aan haar kortstondige echtgenoot Andrej Revkin. Zij ontsteekt in 1941 de springladingen van de elektriciteitscentrale als verzetsdaad tegen de Duitsers en offert haar Andrej. Door de telefoon roept ze hem als afscheid toe: “het vaderland zal je niet vergeten”. De passie geldt ook niet haar zoon Marat met wie ze nauwelijks contact onderhoudt. Het leven van Aglaja staat in het teken van kameraad Stalin. Voor hem koestert ze een onvoorwaardelijke bewondering. Meer dan Marx of Lenin belichaamt hij voor haar de Russische heilstaat. Aglaja is in 1915 geboren. Stalin was aan de macht van 1928 tot zijn dood in 1953. Hij was de heerser toen zij volwassen werd en zou dat voor haar altijd blijven. Ze zou de verzamelde werken van Stalin uit het hoofd leren.


    De marxisten-leninisten sloegen de slechte mensen dood, terwijl ze de goede zoveel mogelijk in leven lieten; de stalinisten waren in wezen democraten, die sloegen iedereen dood


    Dankzij de inzet van Aglaja als actief partijlid krijgt Stalin een standbeeld op het centrale plein van Dolgov, een baken voor de plaatselijke gemeenschap. Dan vindt in 1956 het Twintigste Partijcongres plaats. Nikita Chroesjtsjov, de nieuwe partijleider, neemt afstand van Stalin en hekelt de persoonlijkheidscultus die was ontstaan. De wind waait van Moskou naar Dolgov. Op een onbewaakt moment wordt het standbeeld van Stalin verwijderd van de sokkel en per tractor afgevoerd. Aglaja weet het voor elkaar te krijgen om het standbeeld in haar woning een nieuw onderdak te verschaffen. Decennia zal zij met het beeld samenleven.

    Aan de hand van een stoet aan personages volgt het boek de ontwikkelingen in de Sovjet-Unie en de wisselingen in de tijdgeest. Aanvankelijk subtiel maar langzamerhand openlijker wordt duidelijk dat de glans van een heerser is verdwenen. Genade en ongenade wisselen elkaar af als seizoenen. Opportunistisch beweegt het partijkader mee. Zo niet Aglaja. Voor haar blijft Stalin ‘onze prominente tijdgenoot, wijze leider, leermeester der volkeren, coryfee van alle wetenschappen, eminent veldheer’. Voor anderen wijzigt het beeld. ‘Hij heeft het land eigenhandig bestuurd, heeft de boeren geruïneerd, heeft het leger onthoofd, heeft aan het hoofd gestaan van de jacht op de intelligentsia, heeft in feite de bloem van onze partij vernietigd en lofprijzingen aan zijn eigen adres aangemoedigd.’

    De ideologische twisten vormen stof voor fijnproevers. Ondoorgrondelijke redeneringen maskeren dat het om persoonlijke afrekeningen gaat. Beter nog dan bij Vojnovitsj wordt deze fijnslijperij meesterlijk ontleed door Karel van het Reve in Het geloof der kameraden. Dat boek geeft een ontluisterende analyse van een gedachtegoed met als meest pregnante kenmerk miljoenen slachtoffers.

    Na Chroesjtsjov komt Brezjnev die het karakter van het communisme verrijkte met een verzameling dure auto’s. Hij was een levensgenieter bij wie alle materiële blijken van aandacht welkom waren. Hij hield van ‘alles wat maar blonk, klaterde en rinkelde’. Daarna werd het tijd voor glasnost en perestrojka. Het komt zelfs zo ver dat bij min of meer vrije verkiezingen de communisten een revival meemaken. Laat je dieren vrij uit hun kooi dan keren ze uit zichzelf soms weer terug, zo geeft een filosoof als verklaring. Het perspectief lonkt dat het standbeeld terug kan naar het centrale plein in Dolgov.

    Hoewel Aglaja een hoge leeftijd bereikt, vormt haar bestaan na Stalin een lange zwanenzang. Ze raakt aan de drank en lijdt aan slaapstoornissen. Er is een opleving tijdens een verblijf in een küroord waar zij een affaire beleeft met een generaal. Dat gebeurt te Sotsji, de stad aan de Zwarte Zee die over vier jaar twee weken het middelpunt van de wereld zal zijn.

    Vojnovitsj vertelt zijn verhaal met vele uitwijdingen. Zijn rol als alwetende verteller legt hij soms even af om een paar voeten als personage op het toneel te zetten. Hij heeft het dan over zijn rol als ooggetuige en interviewer. Ook verwijst hij naar zijn andere boeken waarin Aglaja haar opwachting maakt. Het zijn kleine barstjes in een verder beschouwende rol. Wel is duidelijk dat hij met venijnig plezier de groteske gebeurtenissen aan de lezer opdist. Soms balanceert hij op de rand van het al te potsierlijke. Over het algemeen zit de compositie van het boek echter stevig in elkaar. De merkwaardige lotgevallen van de Sovjet-Unie mogen niet uit ons collectieve geheugen verdwijnen.

Lijstjes

Deze auteur komt voor in de lijstjes: