Leesimpressies

  • Sanne Huysmans: Iemand moest het doen

  • Nr. 24 - 2024
  • Vele enthousiaste reacties brachten mij naar de roman van Sanne Huysmans. Ze beschrijft de levens van de bewoners uit de Kapelstraat over een lange periode die begint bij de Tweede Wereldoorlog en doorloopt naar de moderne tijd. Het dorp waar de Kapelstraat ligt, wordt niet bij naam genoemd. Het ligt nabij de Grote Nete in het stroomgebied van de Schelde. Het is de streek waar filosoof Sanne Huysmans in 1988 geboren werd en nog steeds woont. Naast filosoof is ze gediplomeerd bakker en boswachter. Van de bewoners krijgen Maria en Pol de meeste aandacht. De andere bewoners worden aangeduid via hun huisnummer. Voor de mensen uit de Kapelstraat is de buitenwereld ver weg. De buitenwereld bemoeit zich echter soms wel met hen. In het begin van het verhaal wordt er elektriciteit aangelegd. Verontrustend dat een schakelaar licht genereert. De moeder van Maria was gewoon blind te breien en vreesde die vaardigheid te verleren. Later volgen stromend water, riolering en geasfalteerde wegen. Nog weer later komt er een medewerker van de nutsmaatschappij aan de deur die de aanleg van internet aankondigt. Wat moeten de mensen daar nu weer mee? Dan is er een verbinding met de hele wereld. De reactie luidt: ik moet er niks van hebben, hier liggen genoeg kabels. Salut.

    Huysmans portretteert gewone levens. Hun leven kent weinig hoogtepunten maar maakt hen dat minder waardevol? Gewone levens trekken anoniem voorbij. Ze mogen rekenen op de compassie van Sanne Huysmans. Natuurlijk is er geen enkele reden om neer te kijken op de bewoners van de Kapelstraat. Tegelijk is er ook weinig redenen om deze levens op een voetstuk te plaatsen. De auteur lijkt dat soms te doen. Het is de verheerlijking van de eenvoud en terug naar de natuur. Het boek staat vol met beschrijvingen van flora en fauna. Vooral de vogels zijn in tel. De kinnesinne gaat aan de Kapelstraat niet voorbij. Van achter de gordijnen en de rolluiken houdt men elkaar scherp in de gaten. De vader van Maria beschouwt buurman Ballaer als de vijand. Die had immers betere gewassen en een paar koeien meer. Als moeder overlijdt komt een groot deel van het huishouden op Maria neer. Dat brengt veel geploeter mee. Iemand moest het doen. Dat zinnetje keert veelvuldig in de roman terug. Het leven bestaat uit opofferingsbereidheid. Uit dienstbaarheid. Verlies hoort ook tot het dagelijks leven in de Kapelstraat. Twee broers van Maria waren ingetreden als Witte Pater en op exotische plekken gestationeerd. De derde was tegen een boom gebotst met de brommer en verongelukt.

    Drie andere kinderen waren niet ouder geworden dan twee jaar, daarom werden ze niet meegerekend. Hun wiegen, namen en kleren werden hergebruikt. Zelf had zij de naam van haar overleden zusje geërfd


    In vogelvlucht komt het leven van Maria voorbij. Haar vergeefse poging om als zangeres uit de anonimiteit te treden. Haar onvrijwillige zwangerschap en de poging om de bijbehorende schande te camoufleren. Tot zij in een zothuis belandt en een nieuwe bewoner haar pand betrekt.
    De andere hoofdrol is voor Pol. Hij is met pensioen na 40 jaar dienst als vuilnisman. Eerst achter de kar en later als chauffeur. Hij woont op nummer 38A, zijn onaangename buurman op 38B. Pol praat met zijn overleden moeder die hij herkent in de vele dieren die hij binnen en buiten op zijn erf treft. Pol wil graag het goede doen. Hij voelt zich vereerd als hij een verzoek van de moeder krijgt om buurmeisje Imke van school te halen. Samen eten met een buurvrouw is een onderbreking van de dagelijkse routine om naar uit te kijken.
    Huysmans heeft de roman opgedeeld in vijf hoofdstukken die een gezamenlijk element in de gebeurtenissen van de bewoners bevatten. In elk van de hoofdstukken is een akte van de overheid opgenomen. Dat zijn losse onderbrekingen die een bureaucratische equivalent vormen van wat er aan de hand is. Overigens zonder daar veel inzicht aan toe te voegen. In het laatste deel van de roman vindt er op de Kapelstraat een uitbarsting van geweld plaats. Dat is een forse inbreuk op het voortkabbelende ritme van de roman.
    De roman van Huysmans heeft zeker het vermogen tot denken aan te zetten. Verdient de beschreven wereld de sympathie van de lezer? Authenticiteit of benepenheid? Toch is het voor mij te veel vis noch vlees. Huysmans doet te veel en doet te weinig. Ze bestrijkt een zeer lange periode. Waarom plaatst zij Maria en Pol in het middelpunt? De andere bewoners zijn figuranten en sommige huisnummers komen in het geheel niet aan bod. Dan is er nog aangeduid als nummer 3 het verslag van de notelaar. De boom staat op gelijke hoogte met de andere huisnummers en beschrijft vanuit een eigen perspectief wat er zoal gebeurt. De boom is alert op plassende mensen en poepende vogels. Als mensen het op zijn bast gemunt hebben, kan hij in woede ontsteken. Uiteindelijk is de roman erg fragmentarisch wat identificatie met de personages bemoeilijkt. De roman ontbeert focus wat niets afdoet aan de vele scherp geformuleerde observaties. Voor mij blijft Miguel Street van V.S. Naipaul het superieure portret van een straat.
    middelr@xs4all.nl

    Terug