Leesimpressies

  • Ayn Rand: De eeuwige bron

  • Nr. 11 - 2013
  • Onlangs overleed Margaret Thatcher. Ze was ruim twintig jaar al niet meer aan de macht en nog gingen haar tegenstanders dansend de straat op. Een ongemakkelijk gezicht. Thatcher was een kruideniersdochter met een verpletterende persoonlijkheid. Haar maatschappijvisie, society does not exist, laveerde tussen guur en onguur. Ze had veel in huis maar schreef geen romans. Dat liet ze over aan Ayn Rand, die in 1905 in Petersburg geboren werd maar haar thuis vond in de Verenigde Staten. Rand was een apothekersdochter. Haar roman De kracht van Atlantis geldt na de bijbel als het invloedrijkste boek in Amerika. Dat werk omvat bijna 1400 bladzijden. Het eerder verschenen De eeuwige bron met zo’n 750 bladzijden leek me een voorzichtige introductie. Je moet klein beginnen.

    Rand laat haar roman spelen in de wereld van de architectuur. Het boek volgt de levensloop van twee architecten. Op de dag dat de ene, Peter Keating, als de beste van zijn lichting afstudeert, wordt de ander, Howard Roark, van dezelfde opleiding verwijderd. Roark woont op kamers bij de familie Ketting. De twee mannen zullen steeds elkaars pad kruisen. Zij vertegenwoordigen twee uitersten in de manier waarop zij in het leven staan en hun vak beleven. Ketting is het type van de social climber. Op gewiekste wijze werkt hij zich omhoog. Hij weet een baan te veroveren bij een gerenommeerd architectenbureau, verovert een plek in de leiding en trouwt met de dochter van de baas. Hij vertelt zijn klanten wat ze graag willen horen. Hij is nooit te beroerd hun ijdelheid te strelen met ‘een imposante gevel, een majestueuze entree en een vorstelijke salon’. Roark is het type van de self made man. Hij is compromisloos en maakt wat volgens zijn eigen overtuigingen goed is los van wat de klant daar van vindt. Roark houdt niet van overleg. Ondanks alle controverses tussen de twee architecten vindt Roark zijn grote liefde bij dezelfde vrouw, de dochter van Kettings baas. De concurrentiestrijd is zowel zakelijk als persoonlijk. Tussendoor trouwt de tweevoudige echtgenote nog met een andere hoofdpersoon uit het boek, maar dit terzijde. Het is ongepast om veel te verraden over de ‘de krampachtige versmeltingen van de lichamen’.
    Het probleem van De eeuwige bron is dat Rand de roman misbruikt voor haar politieke en filosofische boodschap. Met Howard Roark heeft zij op papier de ideale mens geschapen. Een auteur die partij kiest voor het ene personage tegenover het andere baart geen roman maar een pamflet. Personages blijven marionetten van de poppenspeler.

    Waarom heb je besloten architect te worden? Omdat ik van deze aarde hou. Maar dat is dan ook alles waar ik van hou. Van de vormen van de dingen die op aarde zijn, hou ik helemaal niet. Die wil ik veranderen


    Afgezien van de eenzijdig sturende rol van Ayn Rand valt er wel meer af te dingen op deze roman. Veel van de conflictstof ligt in een verschillende appreciatie van de door de architecten ontwikkelde gebouwen. Nu is architectuur uiterst zichtbaar en daarmee vatbaar voor symboliek en discussie. Toch is op papier een dergelijke twist moeilijk na te voelen. Het visuele blijft verborgen en argumenten verliezen het van waardeoordelen.
    Wat bij lezing voor mij het grootste struikelblok bleek zijn de dialogen. Rand gebruikt de dialoog als vorm heel frequent. De dialoog is nooit zo maar een gesprek, een uitwisseling van gedachten, maar altijd een krachtmeting uitgevoerd in een hoogdravende toonsoort. De relatie tussen wat mensen zeggen, bedoelen en doen lijkt volstrekt willekeurig. Vaak is er sprake van een paradox. Dan zegt iemand: ‘je gaat zo totaal anders denken over alle dingen waar je nooit over nagedacht hebt’. Na honderden bladzijden gaan de dialogen zelfs op de lachspieren werken. Is hier sprake van een krakkemikkige vertaling? Op basis van een steekproef van drie heb ik in de boekwinkel het origineel geraadpleegd. De jury wil echter de vertaling vrij pleiten. Het origineel is even onbeholpen.
    Aan het eind van de roman neemt Roark het recht in eigen hand als hij overgaat tot het gebruik van geweld nadat anderen zonder zijn toestemming veranderingen hebben aangebracht aan een schepping van hem. Hij moet zich verantwoorden en voert zelf zijn verdediging. Dat doet hij op gloedvolle wijze. In deze fase gaat Rand vol op het orgel om haar filosofie te etaleren. Het filosofische werk van Rand mag zich onverminderd in een flinke belangstelling verheugen. Haar opvatting, het objectivisme, propageert egoïsme boven altruïsme. Ieder mens is een doel in zichzelf en behoort op te komen voor zijn eigen belang. Een bruikbare inleiding is te vinden in The virtue of selfishness. Rand heeft aan haar Russische ervaring een afkeer van het collectivisme overgehouden. Zij kiest voor het individualisme en doet dat met een fundamentalistische hartstocht. Thatcher en Reagan kunnen in Ayn Rand een zielsverwant gevonden hebben, hoewel beide niet zulke lezers waren volgens mij. Beide staatslieden mogen in vrede rusten. Een nieuwe ambtstermijn is onwenselijk, of als dat onontkoombaar is dan hooguit in een linkse dictatuur.