Leesimpressies

  • John Gray: Zwarte mis

  • Nr. 8 - 2008
  • Dit is een bekentenis. Natuurlijk is het ongepast over de Verlichting een kritisch boek te lezen juist in een week dat de Verlosser is verschenen voor de poorten van de Amsterdam Arena. Maar ja, toen was ik er al in begonnen. De Britse filosoof John Gray is geen prototype academicus die zich onthoudt van uitspraken over het hier en nu. Hij is een kritisch volger van de actualiteit en laat regelmatig van zich horen in bladen als The Guardian en The Times Literary Supplement. Zijn jongste boek past in die traditie. Ook in Nederland krijgt Gray de nodige aandacht. De titel Zwarte mis verwijst naar een godslasterlijk ritueel waarbij de heilige mis achterwaarts wordt opgedragen.


    Aanleiding voor Zwarte mis lijkt de ergernis van Gray te zijn over de Amerikaanse invasie van Irak. Telkens als dat voorval ter sprake komt, kan hij het niet laten om dat te voorzien van negatieve kwalificaties. Het neoconservatisme dat de basis vormt voor de Amerikaanse politiek is de gebeten hond. Gray neemt een lange aanloop om te betogen waar de wortels te vinden zijn voor die zienswijze. Hij ziet de kiem van het kwaad in het christendom. Religie bevat gewoonlijk een heilsleer waarin uiteindelijk het goede zegeviert. Is in het christendom het hiernamaals nog gesitueerd ver weg na het aardse leven, in seculiere heilsleren komt het goede binnen handbereik van het heden. Op het christendom valt veel aan te merken maar het vormde in ieder geval niet de inspiratiebron voor misdadigers uit de Champions League als Hitler, Stalin, Mao en Pol Pot. De stelling van Gray is echter dat de seculiere utopieën allemaal een afschaduwing vormen van het christendom. Zij zetten zich expliciet misschien wel af tegen het christendom maar zijn treffender te karakteriseren als moderne varianten. Zij werken allemaal met de conceptie van een ideaal bestaan. En dan treedt de valkuil in werking. Hoe hoger het doel dat nagestreefd wordt des te gruwelijker zijn de middelen die voor realisatie als rechtvaardiging mogen dienen. De erudiete Gray haalt talloze denkers aan ter ondersteuning van zijn opvatting. Zijn beweringen gaan nooit mank aan stelligheid. Gray is geen wetenschapper die een zoektocht uitvoert naar de waarheid. Hij poneert uitgesproken opvattingen en verzamelt daartoe bewijsmateriaal. De gelijkhebberige toon bemoeilijkt de waardering voor zijn onderneming. Er zijn velen die eerder hebben gewezen op de parallen tussen marxisme en christendom. Gray komt niet in de buurt van iemand als Karel van het Reve die de intrinsieke gebreken van het Sovjet-rijk scherper en geestiger heeft verwoord. Macht corrumpeert maar ideologie ook.

    Gray hekelt de opvattingen van de Amerikaanse regering om de verworvenheden van hier zoals een liberale democratie met geweld op te leggen aan een ander land zonder stil te staan bij de vraag of dat aansluiting vindt bij de samenleving daar. Het impliceert dat wij beter weten wat goed is voor een ander dan die ander zelf. Overigens is hij in dat opzicht wel dubbelhartig. Hij ontleedt de officiële argumenten die ten grondslag lagen aan de invasie als slecht houdbaar en plaatst daarvoor in de plaats de machtspolitieke overwegingen als het veilig stellen van de olievoorziening. Dat doet de vraag rijzen of het utopisch denken eigenlijk wel de kwade genius is in het Amerikaanse gedrag of dat er gewoon sprake is van welbegrepen eigenbelang. Hij neigt naar het laatste en maakt daarmee de redenering van het boek niet onwaar maar wel irrelevant.

    Wat Gray valt aan te wrijven is dat hij in ernstige mate lijdt aan de beroepsziekte van menig filosoof: hij ziet achter elke boom een ideologie. Een kleine honderd ismen passeren in het boek de revue. Hier volgt voor de liefhebber een alfabetische opsomming zonder garantie op compleetheid. Gray verhaalt over: absolutisme, anarchisme, antisemitisme, atheïsme, bolsjewisme, catastrofisme, collectivisme, communisme, conservatisme, contraterrorisme, corporatisme, creationisme, darwinisme, deconstructivisme, defaitisme, despotisme, dirigisme, dualisme, empirisme, extremisme, extropianisme, fascisme, fordisme, fundamentalisme, gnosticisme, hindoenationalisme, humanisme, imperialisme, individualisme, internationalisme, islamisme, islamoanarchisme, islamofascisme, islamojakobinisme, islamoleninisme, isolationisme, jakobinisme, kapitalisme, kolonialisme, leninisme, liberalisme, manicheïsme, marxisme, materialisme, messianisme, methodisme, millennialisme, monotheïsme, multiculturalisme, nationalisme, nazisme, neoconservatisme, neoliberalisme, nihilisme, obscurantisme, opportunisme, paganisme, patriottisme, pessimisme, platonisme, polytheïsme, populisme, positivisme, postmillennialisme, protectionisme, racisme, rationalisme, realisme, relativisme, salafisme, scepticisme, sciëntisme, secularisme, separatisme, shintoïsme, sociaal-darwinisme, socialisme, soefisme, stalinisme, taylorisme, terrorisme, thatcherisme, totalitarisme, transhumanisme, tribalisme, triomfalisme, trotskisme, tsarisme, universalisme, utopisme, zoroastrianisme.

    Hoewel de kritiek van Gray op het utopisme bij vlagen onevenwichtig is, zit er in zijn betoog ook veel dat hout snijdt. Dat maakt nieuwsgierig of hij ook een alternatief te bieden heeft voor het utopisme. Gray houdt een pleidooi om realisme als uitgangspunt te nemen voor het bedrijven van politiek. Niet met geweld een heilstaat stichten maar het bestrijden van evident onrecht zou de dominante benadering dienen te zijn. Liever het verzachten van de hel dan het stichten van de hemel. Of Gray het gelijk aan zijn kant heeft, is twijfelachtig. Hij heeft in ieder geval een prikkelend boek geschreven.