Leesimpressies

  • Ludvik Vaculik: De bijl

  • Nr. 22 - 2015
  • Misschien nog wel meer dan door zijn literaire werk, heeft de onlangs overleden Ludvik Vaculik, bekendheid gekregen door een politiek pamflet: Manifest van 2000 woorden. Daarmee gaf hij een stem aan de Praagse Lente. Het leverde Vaculik een publicatieverbod op en een positie als dissident. De achterkant van de roman is helemaal gevuld met zijn foto. Zoals wel vaker in het Oostblok heeft een oppositionele levenshouding zich genesteld in het kapsel. De grijns op het gezicht zorgt voor een clowneske uitdrukking. Het laat zich makkelijk voorstellen dat Vaculik er genoegen in schiep de machthebbers in de dictatuur het bloed onder de nagels vandaan te halen. Andersom gebeurde dat natuurlijk ook en dan soms letterlijk. Vaculik is 88 jaar geworden en heeft dus ruimschoots meegemaakt dat zijn land een democratie werd. Zijn werk getuigt van de absurde blik waarmee schrijvers weten te overleven in een onderdrukt bestaan. De romans van Vaculik gedijen bij de meest merkwaardige dialogen. “Realiseert u zich wel, vrienden, dat het hele leven een zich steeds preciserende definitie is van wat je nooit meer zult worden? “ Dissidenten schrijven voor de goede verstaander, voor mensen die snakken naar een vrij geluid.

    Van Vaculik heb ik vele jaren geleden de roman Guinese biggetjes gelezen. Behalve het absurde karakter is daarvan de openingszin me altijd bijgebleven. “In Praag wonen meer dan een miljoen mensen die ik hier maar niet één voor één zal opnoemen.” Wie zo een boek begint, heeft direct de toon gezet. Onlangs is van deze roman een nieuwe vertaling uitgebracht waarbij de Guinese biggetjes zijn omgedoopt tot cavia’s. Het boek De bijl is eerder geschreven maar verscheen later in vertaling en wel in 1978. We volgen een Moravische familie bestaande uit de beide ouders en hun vier kinderen. De niet met name genoemde oudste zoon is de ik-figuur door wiens bril het verhaal verteld wordt. Soms komt ook de vader-figuur aan het woord. Vaculik wisselt af in het perspectief tussen vader en zoon. Die wisselingen vinden terloops plaats. De lezer dient bij de les te blijven. De relatie tussen vader en zoon is een cruciale. Daar worden in het boek de nodige beschouwingen aan gewijd.

    De huidige, oude opvatting van het vaderschap, die nog uitgaat van de slingerbeweging, is een te mechanische. Volgens die opvatting kan werkelijk iedereen een zoon van zijn vader zijn. In zijn uiterste consequentie brengt deze opvatting een enorm stuk automatisme van de persoonlijkheid met zich mee, want wie nu eenmaal geboren is, heeft een vader en is dus een zoon


    De oudste zoon is voorbestemd de opvolger te worden op de boerderij. Dat betekent een bestaan in het teken van overleven. Geiten hoeden en aardappelen rooien. De zoon kiest een andere weg. Hij vertrekt naar Praag om te studeren en zal er gaan werken bij een krant. Hij trouwt en wordt zelf vader. Voortdurend dwalen zijn gedachten terug naar het bestaan in het ouderlijk huis. Er is de geborgenheid te midden van de familie en tussen de elementen van de natuur. Vader vervult een rol als lid van het volkscomité. Hij wordt zelfs voorzitter. De zoon krijgt in zijn werk eveneens van doen met de grillen van de politiek. Hij neemt het in de kolommen van de krant op voor een meisje dat bezwaar maakt tegen haar zakken voor een toelatingsexamen. Het meisje pleegt uiteindelijk zelfmoord. Er volgt een schimmige strijd over wat er nu echt aan de hand is. Vaculik beschrijft de twistgesprekken hierover op de redactie. Ieder speelt zijn rol. We zien de directeur, de chef-redacteur, de volontair, de vertegenwoordiger van de Oude Avant-garde allemaal hun bijdrage leveren. Er komt zelfs een onderzoek naar de maagdelijkheid van het meisje. Ook dat onderzoek is een bron voor malversatie. Vaculik betreedt hier gevaarlijk terrein. Hij treedt binnen in de wereld van het Tsjechisch patent: elkaar zo democratisch terroriseren tot er niemand meer over is om een aanslag op te plegen. Wie zal op welke wijze boete doen? Vaculik geeft overvloedig aandacht aan de schaduwkanten van het leven in een autoritaire samenleving. Gevoel voor humor is een gretig gehanteerd wapen. Het leven op het platteland vormt een tegenwicht hoewel zich ook daar onverteerbare kwesties afspelen. De voortgang en de helderheid van het verhaal komen soms in het gedrang. Ergernissen dienen op vrolijke wijze geuit te worden. Daar moet de compositie voor wijken. Aan het eind van het boek spiegel ik me ter nagedachtenis aan Ludvik Vaculik aan de overweging van de ik-figuur. “Ik doe er goed aan om nu de sentimentele doos dicht te klappen en iets volkomen zakelijks te ondernemen, en ik zal maar meteen zeggen wat: ik ga binnenzooltjes kopen voor in mijn schoenen.” Dat is het stellen van een daad.