Leesimpressies

  • Ray Bradbury: Fahrenheit 451

  • Nr. 38 - 2018
  • Vroeger was het zo dat brandweerlieden in de kazerne in afwachting waren van een melding. Ging het alarm dan spoedden zij zich naar de rampplek om de brand te blussen en om met Bomans te spreken de belendende percelen nat te houden. In de roman van Bradbury is de taak van brandweerlieden radicaal gewijzigd. Blussen is er niet meer bij. Dat is ook niet nodig want huizen zijn vuurbestendig. Het personeel is omgeschoold om boeken te verbranden. Uit de brandslang komt kerosine in plaats van water. Guy Montag is zo’n moderne brandweerman. Hij doet zijn werk met plezier. Hij vindt een vlammenzee een prachtig schouwspel. Het werk is nodig want het is nu eenmaal verboden om boeken te lezen en in bezit te hebben. Voor Montag is zijn werk een vanzelfsprekendheid. Die opvatting begint te schuiven als hij na werktijd in gesprek raakt met zijn buurmeisje Clarisse. Zij ruikt de kerosinelucht en vraagt Montag naar zijn werk. Zij is een levenslustig meisje dat anders in elkaar zit dan haar oppervlakkige leeftijdgenoten. Zij wil niet het hoe van dingen weten maar het waarom. Montag en Clarisse krijgen dagelijks contact en Montag raakt door haar geïnfecteerd. Verontrustend is dat Clarisse opeens is verdwenen.

    Ray Bradbury is beroemd geworden door zijn science fiction verhalen. Hij publiceerde Fahrenheit 451 in 1953. Amerika was in de ban van de heksenjacht op communisten. De vrijheid van meningsuiting kwam onder druk te staan. De titel van het boek is ontleend aan de temperatuur waarbij papier vlam vat. Het is een dystopische roman geworden over een toekomstige tijd waarbij er gaan plaats is voor boeken. Het bestaan is vlak. In huizen bevatten de muren beeldschermen van waar mensen instructies ontvangen die hen in het gareel houden. Er zijn zeker vrijheden bijvoorbeeld om met auto’s net zo hard te rijden als je wilt. Dat daarbij veel doden te betreuren vallen, neemt men voor lief. Het lijkt wel een VVD paradijs. Wie er aan de touwtjes trekt blijft onduidelijk. De machthebbers hebben gezicht noch naam. De rol van machthebber in de roman ligt in handen van de brandweercommandant. Hij ontfermt zich over Montag als deze dreigt af te glijden. Uit volle overtuiging bindt de commandant de strijd aan met het lezen. Al die, vaak tegenstrijdige, informatie daar heb je niks aan. Eens per jaar mag een brandweerman een boek lezen zodat de opvatting dat zoiets een nutteloos tijdverdrijf is levend gehouden wordt. Montag realiseert zich dat hij niet gelukkig is. Zijn huwelijk is op sterven na dood. Zijn vrouw zoekt haar toevlucht bij slaaptabletten. Montag wordt nieuwsgierig naar wat boeken hem zouden kunnen melden.

    We have everything we need to be happy, but we aren’t happy. Something’s missing. I looked around. The only thing I positively knew was gone was the books I’d burned in ten or twelve years. So I thought books might help


    Dat Fahrenheit 451 hernieuwd in de belangstelling staat is te danken aan Donald Trump. De president is zelf geen lezer maar zijn beleid en stijl van optreden maken dat sommige klassiekers van een actueel sausje zijn voorzien. Dat geldt bijvoorbeeld in dezelfde mate voor It can’t happan here van Sinclair Lewis en The plot against America van Philip Roth.
    De bezinning die Montag doormaakt blijkt onomkeerbaar. Boeken gaan een steeds grotere rol in zijn leven spelen. In eigen kring komt hij onder verdenking te staan. Op een dag rukt hij met zijn collega’s uit om op te treden bij een verdacht pand. Tot zijn schrik merkt hij dat de brandweerauto voor zijn eigen huis stopt. Om zijn hachje te redden richt Montag de vlammenwerper op zijn commandant. Hij slaat op de vlucht en de jacht op hem wordt geopend. In de bossen vindt hij onderdak. Daar treft hij enkele lotgenoten. De mensen in het bos hebben allemaal een boek uit het hoofd geleerd om de geschiedenis van de mens veilig te stellen. Als de sombere tijdgeest overwaait zal het mogelijk zijn alle grote verhalen van vroeger in ere te herstellen.
    Bradbury heeft met zijn roman een eerbetoon aan het boek gebracht. Wat mij betreft schetst hij een samenleving die ver afstaat van wat voorstelbaar is als een realistische bedreiging. Die aanpak leidt tot enkele weinig geloofwaardige implicaties. Niet alleen worden er boeken in brand gestoken maar in een moeite door gaat de vlam in de woning van de zondaar. Daarvoor heeft Bradbury echter gemeld dat huizen vuurbestendig zijn.
    Montag en zijn vrouw weten niet meer waar zij elkaar voor het eerst ontmoet hebben. Mensen hebben in de toekomstmaatschappij geen verleden. Ze gaan helemaal op in het heden. Als Montag uit zijn rol is gestapt, herinnert hij zich weer dat zij elkaar in Chicago ontmoet hebben. Doordat de roman zich zo ver van de werkelijkheid verwijderd heeft, maakt de roman een wat steriele indruk. Het is juist dat aspect dat mij indertijd is bijgebleven van de filmversie door François Truffaut. Door dichter in de buurt te blijven van het voorstelbare zou de roman aan waarschuwende kracht gewonnen hebben. Na het aanrichten van schade aan levende wezens behoort het verbranden van boeken tot de ergste menselijke dwalingen. Die huiver weet Bradbury nauwelijks aan te wakkeren. Het blijft fantasy.