Leesimpressies

  • Shusaku Endo: Het meisje dat ik achterliet

  • Nr. 20 - 2020
  • De meeste mensen associëren Japan met Paulien Cornelisse in badjas. Het land kent daarnaast onvermoede kanten. Zo is er als enclave tussen het vanouds dominante Shintoïsme een christelijke minderheid. In de roman van Shusaku Endo speelt een sanatorium voor lepralijders een rol dat gerund wordt door katholieke nonnen. Zij verrichten hun werk uit naastenliefde voor zieken die als outcast binnen de nationale cultuur gelden. Shusaku Endo heeft zijn roman opgetuigd met christelijke waarden al doet hij dat niet op prekerige wijze. Het verhaal, een ongelukkige liefdesgeschiedenis, is goed te verteren voor alle gezindten. Endo publiceerde dit werk in 1964 en keert daarin terug naar de eerste jaren na de Tweede Wereldoorlog. Japan draagt de sporen van een smadelijke nederlaag en poogt overeind te krabbelen. Het land is in opbouw. De hoofdrol is weggelegd voor Tsutomu Yoshioko die met een studievriend een kamer deelt waar de smerigheid de bezoeker tegemoet walmt. Yoshioko is niet echt een studiebol. Zijn ambities liggen elders. Een vaak terugkerende gedachte luidt: ik wil poen, ik wil een meisje. Via bijbaantjes komt er een oplossing voor het probleem van de poen. Voor het meisje weet hij ook iets te bedenken.

    Yoshioko blaakt door een lichte handicap niet van het zelfvertrouwen. Hij besluit te reageren op een advertentie in een blaadje over filmsterren. Een meisje maakt kenbaar graag contact te willen hebben met iemand die dezelfde filmster als zij bewondert. Het komt tot twee ontmoetingen van Yoshioko met haar, Mitsu Morita. De eerste indruk die zij wekt is dat van een onaantrekkelijk en oninteressant boerenmeisje. Yoshioko is alleen geïnteresseerd in seks. Zij voelt daar niet voor maar ze laat zich onder druk zetten en geeft hem uit mededogen bij de tweede afspraak zijn zin. Mitsu is gewend zich weg te cijferen voor anderen. Zo heeft zij vrijwillig het gezin verlaten omdat zij zich te veel voelde in het nieuwe samengestelde gezin met een tweede moeder die drie kinderen inbracht. Mitsu beschikt over een te grote proportie mededogen. De twee ontmoetingen van Yoshioko en Mitsu hebben een verschillende uitwerking op de betrokkenen. Voor Yoshioko is het zo wel mooi geweest. Hij heeft geen behoefte aan verder contact. Zij wil niets liever dan een toekomst met Yoshioko.
    Endo volgt de voortgang van de beide levens in afzonderlijke hoofdstukken. Yoshioko wil hogerop zonder daar veel inspanning voor te doen. Hij trouwt met een familielid van zijn baas en stelt zo zijn toekomst zeker. Met Mitsu gaat het minder goed. Zij heeft een vlek op haar arm die als lepra gediagnosticeerd wordt en zo komt zij terecht in een van de buitenwereld afgezonderd sanatorium.

    Bij lepra lijd je niet zozeer door de ziekte zelf. Anders dan patiënten met een andere ziekte worden melaatsen door hun eigen familie, hun man, hun geliefde, hun kinderen, verstoten. Het lijden zit hem in het alleen achterblijven


    Voor Yoshioko is Mitsu een gebruiksvoorwerp geweest. Hij weet dat zijn gedrag laakbaar was maar sust de onrust met de overtuiging dat elke man in zijn situatie net zo gehandeld zou hebben. Voor haar leek hij de vervulling van een mooie toekomstdroom. Van asymmetrische verhoudingen wordt niemand gelukkig. Endo benadrukt die evenwichtigheid. Er zijn zeven hoofdstukken waarin Yoshioko aan het woord komt onder de titel ‘mijn herinneringen’. Er zijn vijf hoofdstukken getiteld ‘de vlek op de arm’. De kant van Mitsu is geschreven vanuit het perspectief van de derde persoon enkelvoud. Mijn herinnering illustreert een individualistische invalshoek, terwijl de vlek op de arm eerder gaat over een ding dan over een mens. In de roman overheerst het perspectief van de man boven dat van de vrouw.
    Hoewel Yoshioko geen consideratie heeft met de gevoelens van Mitsu, blijft er in zijn achterhoofd iets knagen. Geregeld duiken er enkele passages uit een lied in zijn hoofd op waardoor zijn gedachten terug gaan naar haar. ‘Het meisje dat ik achterliet waar zou ze nu zijn? Wat zou ze nu doen?’
    Mensen die elkaars levenspad kruisen laten onuitwisbare sporen na is een conclusie van het verhaal. Yoshioko leidt een geslaagd leven maar draagt een onbevredigend gevoel met zich mee. In de afgelopen weken heb ik drie Japanse romans gelezen, van Sayaka Murata, Ryu Murakami en Shusaku Endo, met als hoofdrolspeler een verloren ziel. Er is steeds sprake van een nadrukkelijke leegte. De Japanse samenleving lijkt die onbestemdheid te stimuleren. Deze boeken kenmerken zich door een andere thematiek dan je bij een eerdere lichting Japanse schrijvers aantreft. Bij schrijvers als Yasunari Kawabata, Yukio Mishima, Kenzaburo Oë en Junichiro Tanizaki is er vaak een spanning tussen het traditionele en het moderne Japan. Er is aandacht voor de symboliek van kraanvogels of van lentebloesem. Er is het respect voor de theeceremonie en voor de keizerlijke dynastie. In de hedendaagse Japanse literatuur is de traditie steeds verder naar de achtergrond verdwenen. Daar is geen houvast meer te vinden. De moderniteit heeft gewonnen. Met de leegte als voorlopige winnaar.
    middelr@xs4all.nl