Leesimpressies

  • Stephen Vizinczey: Loflied op de rijpe vrouw

  • Nr. 6 - 2014
  • In het koninkrijk van de reclame heerst de grondwet van jong jonger jongst. Soms afgewisseld door nieuw nieuwer nieuwst. Het is een verfrissend geluid als iemand kiest voor rijp en belegen. De van oorsprong Hongaarse schrijver Stephen Vizinczey is zo iemand. Hij kiest als het om vrouwen en boeken gaat voor rijpheid. Hij laat zijn hoofdfiguur Andras Vajda een ode brengen aan door de wol geverfde vrouwen van een zekere leeftijd. Getrouwd geen bezwaar. Zijn boek is een combinatie van roman en autobiografie. Aan de hand van zijn eigen ervaringen als jonge man komt hij uit bij de rijpere vrouw. Vizinczey is geboren in 1933 en hij publiceerde zijn boek voor het eerst in 1967. Hij schreef het op de leeftijd van begin dertig. Recent is het boek voldoende gerijpt voor een tweede leven. Hoewel het verhaal de lotgevallen van de hoofdpersoon met oudere vrouwen beschrijft, is de geadresseerde vooral de jongere man. In de liefde past de jonge man het best bij een oudere vrouw. Jonge mannen zijn in hun gretigheid vaak onhandig en daar weet de rijpere vrouw wel raad mee. Zij is bedreven en beschikbaar. Wat wil een jonge man nog meer.

    Vizinczey vertelt van de schokkende gebeurtenis toen hij als tweejarige zijn vader verloor die doodgeschoten werd door een jonge Nazi. Hij kwam toen onder de hoede van zijn moeder en haar omgeving bestaande uit franciscaner monniken en diverse tantes. Daar ontlook zijn liefde voor vrouwen. Eerst flirtte hij als jongen van zeven en acht jaar met een voornemen om missionaris te worden en martelaar in de Chinese rijstvelden. Al vlug kreeg een obsessie met vrouwen de overhand. Zijn voorkeur ging uit naar tante Alice, een gezette blondine met grote borsten en een verrukkelijk parfum. Hij neemt zich voor later met tante Alice te trouwen. Tegen het eind van de oorlog bezoekt Vizinczey een militaire school. Op de vlucht werd hij opgepikt door het Amerikaanse leger en daar startte hij als puber een loopbaan als souteneur. Vrouwen konden wat bijverdienen door de soldaten, tarieftechnisch liefst officieren, ter wille te zijn. De jonge Vizinczey bracht vraag en aanbod bij elkaar. Van toeschouwer wilde hij graag deelnemer worden.

    Om te proberen naar bed te gaan met iemand die net zo onbedreven is als jijzelf, lijkt me ongeveer net zo verstandig toe als in het diepe springen met iemand die net als jij ook niet kan zwemmen


    Vizinczey zal nog even geduld moeten hebben. Na de oorlog raakt hij bevriend met een echtpaar van middelbare leeftijd dat in hetzelfde flatgebouw woont. Hij leent met grote regelmaat van hen boeken. De man is veelal afwezig. Met de vrouw, Maya, wordt hij steeds vertrouwder. Hij leest wat af en na vele afgeblazen pogingen krijgt hij eindelijk de geplande zin over zijn lippen. “Ik heb het besluit genomen dat ik in de Donau spring zou springen als ik je vandaag niet zou vragen met me naar bed te gaan.” Hij boekt succes en houdt er als leermoment aan over dat het goed werkt om recht op je doel af te gaan. Wat volgt is een lange reeks van veroveringen. Hij ontwikkelt zich zoals dat in zijn eigen bewoordingen heet tot een pret-parasiet, een seksuele klaploper.
    Na betrokken te zijn geweest bij de Hongaarse opstand in 1956 neemt Vizinczey de wijk naar het buitenland. Via Rome belandt hij in Toronto. Gelukkig zijn Italië en Canada landen waar ook rijpe vrouwen bestaan. Tussen het bedrijven van de liefde door is er gelegenheid om zijn passie voor literatuur uit te leven. Zijn twee hobby’s zijn goed te combineren. Toen hij met verovering Paola een nieuw standje wilde proberen, sprong zij uit bed en kwam terug met een stapel boeken door en over Sartre. Tegelijk met Loflied op de rijpe vrouw heeft uitgeverij Lebowski een essaybundel van Vizinczey uitgebracht: Waarheid en leugen in de literatuur. Als het om literatuur gaat, is de auteur geen veelvraat maar iemand die steeds terugkeert naar de franse en russische meesters uit de 19e eeuw. Denk aan rijpe schrijvers als Balzac, Stendhal, Dostojevski en Tolstoj. Bij vlagen geeft hij uiting aan zijn ergernis als een roman een mentaliteit weerspiegelt die hem niet bevalt. Het gedrag van de personages is bepalend voor zijn oordeel. Literatuur is voor Vizinczey vooral een moreel kompas. Zijn polemiek is levendig als hij Nabokov aanvalt om Lolita, Vidal om Burr of Styron om The confessions of Nat Turner. Dat maakt zijn essays wellicht tot spannender lectuur dan zijn autobiografische roman. Daar gaat uiteindelijk de routine overheersen. Vizinczey heeft zijn verleidingskunstjes op een gegeven moment voldoende onder de knie dat de spanning verloren gaat. Als hij zegt “Ik geef je deze echt-antieke asbak als je met me naar bed gaat”denk je net als de aangesprokene maar dat ding is toch van het koffiehuis. Het interessante van een vrouw is echter dat ze nee zegt en ja kan doen. Zo zijn rijpe vrouwen soms.