Leesimpressies

  • Walter van den Broeck: De babyboom boogie

  • Nr. 18 - 2018
  • Na het in chronologische volgorde verscheiden van Elsschot, Boon en Claus komt Walter van den Broeck in aanmerking voor de titel Nestor van de Vlaamse letteren. De auteur loopt tegen de tachtig en zal op enig moment een opvolger op de troon moeten dulden. Tom Lanoye is bezig aan de warming-up. Het moment van overdracht lijkt niet aanstaande gezien de levenslustige toon die Van den Broeck in zijn laatste roman hanteert. Met satanisch plezier vertelt hij over de schelmenstreken van enkele generatiegenoten. Plaats delict is een lerarenopleiding uit de jaren vijftig. De verteller, vertolkt door de auteur of een verwante afsplitsing van hem zelf, volgt de belevenissen van een bevriend duo dat echter vooral in onderlinge concurrentiestrijd verkeert. De twee hebben geen plannen om voor de klas te belanden. Ze hebben hogere ambities liefst op basis van geringe inspanningen. De jaarlijkse schoolreünie vormt het platform waardoor de verteller de ontwikkelingen van het tweetal na de opleiding blijft volgen. De lezer krijg het allemaal opgediend met een bijrol voor Brigitte Bardot zoals dat de naoorlogse babyboomgeneratie betaamt. Het blijkt om een lookalike te gaan. Daar begint de tegenvaller.

    Jongens waren ze, maar jongens met branie. Het verhaal van Ronny Dergent en Eddy Decuyper begint in 1959. België komt via de Wereldtentoonstelling van 1958 met als ijkpunt het Atomium uit een hardnekkige winterslaap. Nieuwe mogelijkheden dienen zich aan. Ronny en Eddy willen vooruit. Ronny heeft artistieke ambities. Zijn kruiwagen vormt oom Valere die behalve avant-gardistisch dichter ook de uitbater is van boekhandel Dada waar belangrijke kunstmanifestaties plaatsvinden. Ronny zal zich als kunstvlo zijn hele leven in de nabijheid van kunstenaars ophouden. Wie zich in de nabijheid van roem ophoudt, ontvangt zelf ook wat kruimels. De plannen van Eddy liggen op het zakelijke vlak. Zijn vader drijft boven zijn stand een Verzekeringskantoor en rijk worden is een lonkend perspectief. Op erotisch vlak staat Eddy ook zijn mannetje. In de bus naar school bevredigt hij zijn vrouwelijke medeleerlingen. Dat levert hem, verwijzend naar de techniek waarvan hij zich bedient, de bijnaam ‘Tenen en Vingeren’ op. Eddy zal later de kunst afkijken hoe je kunt rommelen met de afdracht van BTW. Ronny verovert intussen een belangrijke positie bij Radio Cultuur waar hij in een favoriete omgeving de kantjes er vanaf kan lopen. Walter van den Broeck leeft zich uit in het aan de kaak stellen van de daar aanwezige misstanden. Overbodige dienstreisjes en hoge onkostennota’s behoren tot het vaste patroon. Zet de microfoon maar open voor een interviewtje en hup weer een itempje gereed. Ronny balanceert op de grens. Zijn luizenleventje komt in gevaar.

    Nee, klachten zijn er niet binnengekomen en dat kan maar één ding betekenen: geen hond luistert nog naar Radio Cultuur! Straks komt een of andere politicus erachter, en dan worden we wegbezuinigd, let op mijn woorden!


    Behalve de belevenissen van Ronny en Eddy kent de roman nog een concurrerend duo. Dat bestaat ui de kunstenaars Buysse en Mertens. Zij koesteren hun reputatie en elk doet er alles aan om imagotechnisch de ander de loef af te steken. Als het Guinness Book of records vermeldt dat het langste schilderij ter wereld op 120 meter staat dan maak jij er eentje van 121 meter. Een andere publicitaire vondst is om een jaar lang elke dag een schilderij te fabriceren. Dat vraagt om een vernissage met klaroengeschal.
    Van den Broeck portretteert zijn personages op satirische toon wat het voor de lezer niet vergemakkelijkt om identificatie met hen te voelen. De distantie van de auteur slaat over op de lezer. Het boek is een beetje vis noch vlees. De keuze tussen of meer mededogen of meer kwaadaardigheid maakt de auteur niet. Beide opties hadden een consistenter eindproduct op kunnen leveren. Bovendien zit er een onevenwichtigheid in de compositie. Waarom kiest Van den Broeck voor het invoegen van een verteller die wel betrokken is bij de personages maar nauwelijks aan het verhaal deelneemt? Dat wringt des te meer daar de verteller verslag uitbrengt van gebeurtenissen waar hij geen weet van kan hebben. Een logischer oplossing zou geweest zijn om een alwetende verteller te gebruiken of om het vertelperspectief van de hoofdpersonen te gebruiken. Van den Broeck is alive and kicking maar komt met deze roman niet in de buurt van de hoogtepunten in zijn oeuvre. Voor mij is dat nog altijd Brief aan Boudewijn uit het begin van de jaren tachtig. Indrukwekkend is evenzeer het toneelstuk “Groenten uit Balen”. Deze twee voorbeelden kenmerken zich door een sterk engagement van de schrijver. De auteur overtuigt daarmee meer dan door de soms al te slapstickachtige streken van een stelletje parvenu’s. De zedenschets is niet bijtend genoeg. Wat in 1959 begon, eindigt in 2017. Een stortvloed aan incidenten en affaires is voorbijgekomen. Veel verwikkelingen met vrouwen. De opkomst bij de schoolreünie neemt onvermijdelijk af. Het tijdperk van de babyboom boogie is voorbij. Brigitte Bardot wordt dit jaar bij leven en welzijn 84.