Leesimpressies

  • Caroline de Gruyter: Beter wordt het niet

  • Nr. 19 - 2021
  • Er zijn columnisten met een grote voorspelbaarheid in hun onderwerpkeuze. Dat hoeft geen nadeel te zijn mits zij goed ingevoerd zijn in de materie en geregeld een benadering kiezen die de lezer tot een nieuw inzicht brengt. Voor mij geldt dat als Thomas Friedman in The New York Times schrijft over geopolitieke machtsverhoudingen. Dat geldt juist in uitgekauwde kwesties als de toestand in het Midden-Oosten. Hans Goslinga schrijft in Trouw over parlementaire kwesties en geeft daaraan via een historisch perspectief een nieuwe betekenis. Iets soortgelijks doet Caroline de Gruyter met haar beschouwingen over de Europese Unie in NRC. Als iemand uitblinkt in stukjes op de korte baan dan is dat nog geen garantie dat de frisheid in een product van langere adem overeind blijft. De Gruyter heeft in haar laatste boek een nieuwe ingang gevonden om haar licht op de EU te laten schijnen. Ze heeft zich verdiept in de geschiedenis van het Habsburgse Rijk en probeert verschillen en overeenkomsten te ontdekken met de actuele situatie waarin de EU verkeert. Het idee borrelde op toen zij, tijdelijk woonachtig in Wenen, bemerkte hoe de geschiedenis van de Habsburgers doorwerkt in het heden. Zij spijkerde haar kennis over het keizerrijk bij en vond aldus een originele invalshoek om het als vanouds over Europa te hebben. Met een beeldje van keizerin Sissi op de omslag is de sfeer getekend.

    Het Habsburgse Rijk is nog alom tegenwoordig. De Gruyter ontdekte dat toen zij in Wenen de verhuisdozen uitpakte met uitzicht op het Katharina Schratt plantsoen. Nooit van gehoord. De plek is vernoemd naar de vriendin van Franz Jozef, de voorlaatste keizer die bijna zeventig jaar aan de macht was. De Gruyter ervaart dat sommige Oostenrijkers de tank van hun auto altijd gevuld hebben, omdat de Russen elk moment weer binnen kunnen vallen. De verhouding tegenover Oost-Europa is daar anders dan hier. Na de Tweede Wereldoorlog vertrokken de Russen pas in 1956. Vanuit Wenen ben je eerder aan de grens met Oekraïne dan met Zwitserland. Erger de Russen niet want dan kan het verkeerd aflopen. De losse stijl van het boek maakt het betoog lezenswaardig. De Gruyter put uit haar eigen ervaringen en die van haar gezin. Ze vertelt over ontmoetingen, lunches en kopjes koffie, met kenners en zelfs nazaten van het Habsburgse Rijk. Een lezing hier en een bal daar. Dat laatste overigens mag rekenen op haar afkeer. Het zorgt voor een mengeling van persoonlijke voorvallen en de grote lijn van de geschiedenis in een goede maatvoering. Het Habsburgse Rijk heeft altijd aan kritiek bloot gestaan. Toch heeft het zijn bestaan zo’n 600 jaar weten te rekken. Aan het eind van de Eerste Wereldoorlog viel het doek. Oorlog voeren was niet het sterkste punt van het keizerrijk. De laatste keizer werd niet onthoofd of opgehangen maar verdween keurig per trein naar Zwitserland. Getuige Stefan Zweig heeft er prachtig over geschreven.

    De Habsburgers probeerden, juist omdat ze zo zwak waren en een veel te klein leger hadden, altijd tijd te rekken. Ze probeerden conflicten uit te stellen of te vermijden. Fortwursteln was het Habsburgse devies


    Het Habsburgse Rijk Bestond net als de EU uit een ratjetoe van volkeren en talen. Van buiten lijkt het wat maar van binnen is er vooral kritiek. Karl Kraus gebruikte de bombastische uitdrukking: ein aristodemoplutobürokratischer Mischmasch. Robert Musil sprak minachtend over Kakanië, ontleend aan de gangbare aanduiding kaiserlich königlich voor de Oostenrijks Hongaarse dubbelmonarchie. Binnen de EU zijn het vooral de populisten die graag tegen de EU te keer gaan. Anders dan het Habsburgse Rijk is de EU geen staat. Er zijn geen mensen in dienst anders dan de Brusselse ambtenaren, een kleiner aantal dan het ambtenarencorps van Parijs, waardoor de identificatie geringer is. De EU lijkt nooit tot besluiten te kunnen komen. Elke top van de regeringsleiders kenmerkt zich door impasses of het nu over migratie, klimaat, steun voor coronafondsen of buitenlandse politiek gaat. Uiteindelijk komt er altijd een compromis tevoorschijn dat moeilijk uitlegbaar is, omdat iedereen althans voor de bühne zijn zin heeft gekregen. Na elke crisis lijkt de EU kwetsbaarder maar ook sterker dan tevoren. Net als in de dubbelmonarchie speelt Hongarije de rol van dwarsligger.
    De dubbelmonarchie sneuvelde op een moment in de geschiedenis dat ook het einde bracht voor het Ottomaanse Rijk, de Duitse keizer en de Russische tsaar. Elk volk heeft recht op zelfbeschikking. Dat resulteerde in een drang naar onafhankelijkheid. De Gruyter waagt zich niet aan een prognose of de EU zal overleven. Zij is fan maar verre van kritiekloos. Ze kan het niet laten om enkele suggesties te doen. Zij ziet een grotere rol weggelegd voor de Europese regio’s. Immers de burgers worden bediend door het Europees parlement en de staten door de Europese Raad maar de regio’s staan met lege handen terwijl juist zij vaak een sterke economische en culturele signatuur bezitten. De EU is in een turbulente wereld een baken gebleken voor stabiliteit. Het motief nooit meer oorlog heeft zich bewezen. Een concreet voorstel van De Gruyter is dat elk land een vice-premier aanstelt met de EU als portefeuille. De titel van het boek is een vingerwijzing om de lat niet te hoog te leggen. Dat lijkt verstandig en realistisch.
    middelr@xs4all.nl