Leesimpressies

  • Christian Kracht: 1979

  • Nr. 39 - 2025
  • Christian Kracht is een Zwitsers rijkeluiszoontje die in 1995 met tromgeroffel de Duitstalige literatuur binnen denderde. Zijn debuut, “Faserland”, luidde een nieuwe periode in en rekende af met de gangbare literatuuropvatting. Het boek behandelt een reis door Duitsland van Sylt naar de Bodensee om te eindigen in Zürich bij het graf van Thomas Mann. Onderweg houdt de naamloze ik-verteller zich bezig met drugs, seks en alcohol. Inmiddels maakt het boek deel uit van de Duitse canon. Het werk vormt een illustratie van westerse zelfhaat en decadentie. Kracht wordt vaak vergeleken met Bret Easton Ellis en de lezer dient zich voor te bereiden op een auteur die strooit met merknamen. In veel opzichten is “Faserland” verwant aan de roman “!979” uit 2001. Het laatste werk paste uitstekend in de tijdgeest die de wereld kenmerkt na de aanslagen op de Twin Towers. Opnieuw is er sprake van een naamloze ik-verteller, opnieuw drugsgebruik, opnieuw een vriend die sterft, opnieuw een reisverslag, opnieuw een verhaal gedrenkt in somberheid. De merknamen kunnen het tij niet keren. “Mijn onderbroek was er een van Brooks Brothers, het was een geruite, met een madraspatroon in heldere kleuren.” Het getal 1979 verwijst naar het kalenderjaar wat in de islamitische wereld een onheilspellende aanwijzing is. En wellicht in nog sterkere mate voor de rest van de wereld.

    Het jaar 1979 geldt als een keerpunt. Toen nam de islamitische wereld de afslag naar de duisternis. De bloeiperiode uit een ver verleden was onherroepelijk voorbij. Deze opvatting kent brede aanhang. Ruud Koopmans, hoogleraar sociologie en migratie, betoogt dit in Het vervallen huis van de islam. De toonaangevende Libanese journaliste Kim Ghattas komt in Zwarte golf tot dezelfde conclusie. Beide auteurs zijn op deze website terug te vinden. Zij memoreren drie voorvallen die allemaal in hetzelfde jaar plaatsvonden en een koerswijziging liet zien richting fundamentalisme: de verdrijving van de sjah in Iran, de bezetting van de Grote Moskee in Mekka door opstandelingen en het binnenvallen van de Sovjets in Afghanistan. De revolutie in Iran vormt de context voor de roman 1979.
    De hoofdpersoon is met zijn zieke vriend Christopher per auto onderweg van Turkije naar Teheran. Aanleiding is de uitnodiging voor een party. Het tweetal, met hun onderling gespannen relatie, maakt gebruik van de diensten van chauffeur Hassan. De chauffeur nodigt zijn passagiers bij hem thuis uit en schenkt hen een cassettebandje met muziek. Op het feestje raakt Christopher door de drank buiten westen. Vervoer naar het ziekenhuis is noodzakelijk.

    De persoon daar op de achterbank had niets meer van de gouden Christopher; de door iedereen aanbeden, hoogintelligente architectuurkenner, alleskenner, allesweter, de verrukkelijk geblaseerde, veel te goed uitziende blonde cynicus


    Christopher komt in het ziekenhuis te overlijden. Als de hoofdpersoon terugkomt in het hotel, wacht de politie hem op. Het zijn de nadagen van het regime van de sjah. Verandering is op til. Komt er een communistische of een religieuze revolutie? De noodtoestand is afgekondigd, er zijn in de stad militaire controles. De politie verdenkt de hoofdpersoon van spionage. Het cassettebandje van de chauffeur blijkt toespraken van ayatollah Khomeiny te bevatten. Verdwijnen nu het nog kan is het parool.
    De hoofdpersoon vertrekt naar Tibet. Op het feestje in Teheran heeft een bekende hem aangeraden naar Tibet te vertrekken en daar om de top van een berg te wandelen. Dat is de manier om verlost te raken van alle zonden die je met je meetorst. De trip naar Tibet is een hindernisrace. Zelfs de Berluti-schoenen zijn hier niet tegen bestand. Tibet staat onder de heerschappij van China. Het lukt om de tocht om de berg te volbrengen. Dat brengt niet de gewenste verlichting. Dan ontmoet hij een groep pelgrims en in hun gezelschap doet hij een nieuwe poging. Niet gewoon wandelend maar door een rituele vorm van verplaatsing te kiezen waarbij men zich voorover op de knieën laat vallen en vervolgens weer opstaat. Dat is vermoeiend, duurt lang maar brengt wel het beoogde effect te weeg. Vervolgens wordt de hoofdpersoon gearresteerd door de Chinese politie. Weer is er de verdenking van spionage. De hoofdpersoon beheerst het Mandarijnen-Chinees. Dat kan slechts bedoeld zijn om het gastland van binnenuit te ondermijnen. Onder erbarmelijke omstandigheden volgt een verblijf in een strafkamp met de taak om dwangarbeid te verrichten. Politieke gevangenen zijn er slechter aan toe dan gewone criminelen. Bij politieke gevangenen moet niet alleen het gedrag maar ook een denkwijze afgeleerd worden. De hoofdpersoon beroept zich op de status van toerist. Zowel in Iran als in China zijn de autoriteiten een andere mening toegedaan. In een dictatuur, meer nog dan in een democratie, kan iemand zelf denken dat hij zich niet met politiek in laat maar bemoeit de politiek zich wel met jou. De auteur schetst een angstaanjagende wereld waar individuele rechten van ondergeschikte betekenis zijn. In 1979 is er geen plek voor feestgangers. Christian Kracht heeft een boek vol dreiging geschreven dat de lezer in somberheid achterlaat.
    middelr@xs4all.nl

    Terug