Leesimpressies

  • Ta-Nehisi Coates: De boodschap

  • Nr. 24 - 2026
  • De maand mei leent zich uitstekend om boeken te lezen die verwijzen naar de Tweede Wereldoorlog. Er komt een moment dat een sprong naar de actualiteit wenselijk is. Dat kan bijvoorbeeld aan de hand van Ta-Nehisi Coates, een publicist en universitair docent uit de Verenigde Staten. Hij heeft uitgesproken opvattingen over de positie van afro africans in zijn land. Zijn appel is niet ver van de boom gevallen. Hij werd 50 jaar geleden in Baltimore geboren als zoon van een Black Panther activist. Zijn laatste boek verscheen vorig jaar in het Nederlands. Coates is bijna net zo dol op lesgeven in schrijven als op schrijven zelf. Via dit boek lost hij een schuld aan zijn studenten in. In een workshop gaf hij studenten de opdracht de lezer met hun werk achter de vodden te zitten. Haunting. Hun productie mocht de lezer niet in slaap sussen. Teksten vereisen een dwingend karakter. Coates vond dat hij zelf niet achter kon blijven. Zo deed hij verslag van een drietal reizen. Hij ging naar Senegal, bezocht in eigen land South Carolina en bezocht in Israël de Palestijnse gebieden op de westelijke oever van de Jordaan en Oost-Jeruzalem. Zijn verslag is sterk persoonlijk gekleurd. Hij is niet bang om stevige standpunten in te nemen. Daar is vaak een bescheiden startpunt aan vooraf gegaan.

    De naam van Ta-Nehesi Coates viel voor het eerst bewust op mijn netvlies in de biografie van Anil Ramdas. De schrijver daarvan, Karin Amatmoekrim, haalt Coates aan. Anil Ramdas was jarenlang een toonaangevende figuur in het Nederlandse publieke debat. Hij was ambitieus en wilde als Hindoestaan gezaghebbend zijn in het vaderland dat hij na zijn vertrek uit Suriname omarmde. Coates is kritisch op die neiging van nieuwkomers om te overperformen. Daar is wat voor te zeggen. Wijst het niet op een geslaagde integratie als een nieuwkomer net als een autochtoon genoegen mag nemen met een doorsnee optreden?
    Coates is altijd nieuwsgierig geweest. Lezen brengt hem tot nieuwe inzichten. Dat heeft hij van huis uit meegekregen. Zijn adhd-karakter stelde hem zwaar op de proef om structuur in zijn opvattingen aan te brengen. Het was voor hem een mijlpaal toen hij van zijn moeder een exemplaar van het tijdschrift Sports Illustrated in handen kreeg. Zo kon hij lezen over zijn helden in het Amerikaanse football bijvoorbeeld over de atletische kunststukjes van de wide receivers. Coates las over wide receiver Darryl Stingley die na een harde tackle volledig verlamd in een rolstoel terecht kwam. Daarna kreeg hij het boek They call me assassin via zijn vader in handen waarin de dader aan het woord kwam die verantwoordelijk was voor de invaliditeit van Stingley. Elk verhaal kent een keerzijde.

    Het verhaal van de dader sprak boekdelen, juist omdat het zo weinigzeggend was, omdat het hintte op de schaamte die iemand kon voelen of op de paradox van een spel dat geweld verheerlijkt maar vervolgens terugdeinst voor de gevolgen


    De reis naar Senegal heeft te maken met de geschiedenis. Het land ligt aan de andere kant van de oceaan tegenover Baltimore. Hiervandaan vertrokken eeuwen terug de slavenschepen. De voornaam van Coates is van Afrikaanse origine. Hij raakt in Senegal onder de indruk van de schoonheid van de mensen. Om dicht bij de bron te komen maakt hij per boot een tocht naar het eiland voor de kust. Het is een geforceerde poging om het verleden te betrappen. Het was een mythe. Op de laatste avond van zijn bezoek beantwoordt hij vragen van belangstellenden. Dan meldt zich een jonge vrouw die vertelt bezig te zijn met een scriptie over zijn werk. Hij realiseert zich teruggekeerd te zijn maar dat zijn werk al eerder was aangekomen.
    De tocht naar South Carolina is beladen. Het is een staat met een besmet verleden. Men zwaait er nog altijd graag met de omstreden vlag van de confederatie. Je kunt er terecht voor wat witte suprematie. Coates heeft moeten ervaren dat zijn werk in South Carolina verbannen wordt uit bibliotheken en klaslokalen. Hij haalt met instemming Nikole Hannah-Jones aan, winnares van de Pulitzerprijs, die beargumenteert dat Amerika niet zijn oorsprong vindt in de Onafhankelijkheidsverklaring maar in genocide en slavernij. Op enig moment trof de docente Mary Wood zijn aandacht. Zij mocht het werk van Coates niet behandelen omdat leerlingen daarvan een ongemakkelijk gevoel kregen en zich schaamden om blank te zijn. Ondanks de tijdgeest van het Trumpisme kwam er een tegenbeweging op gang. Coates besluit ter plekke zijn steun aan te bieden. Onderwijs moet meer doen dan volgzame types kweken en langs gebaande paden lopen.
    Coates eindigt zijn reis naar Palestina met een bezoek aan Yad Vashem, het internationale centrum ter nagedachtenis aan de Holocaust. Hij is zeer onder de indruk onder meer van het enorme Boek der Namen. Dat zou zijn oordeel overigens niet mild stemmen. Coates ziet voortdurend parallellen tussen de manier waarop de staat Israël met Palestijnen omgaat en de positie van de zwarte bevolking in zijn eigen land. Hij spreekt over een apartheidsstaat. Tot de kern van iedere vorm van racisme behoort het maken van onderscheid tussen wie wel en wie niet mens is. Coates toont zich in zijn werk uiterst strijdbaar. Hij lijkt vooral op zoek naar voorbeelden die zijn betoog onderstrepen. Alles past in zijn mal. Dat mag natuurlijk maar evenwichtig is hij vaak niet.
    middelr@xs4all.nl

    Terug