Leesimpressies

  • Wim Daniëls: Het dorp

  • Nr. 21 - 2021
  • Vergeleken met de productie van Wim Damiëls verkeert Herman Brusselmans in een permanente staat van een writer’s block. Hij heeft ruimschoots meer dan 100 boeken geschreven waarvan “Op vakantie” de meest recente is. Na afloop van een optreden in de schouwburg van Amersfoort, soms is Daniëls ook cabaretier, informeerde ik naar de beschikbaarheid van zijn tekst. Hij verwees naar “Het dorp” dat toevallig in voorraad op het tafeltje voor hem lag uitgestald. Handelsreiziger is eveneens een nevenfunctie. Na het boek van Ben Wilson over metropolen zou het lezen van “Het dorp” wat tegenwicht kunnen bieden. Misschien kun je de grote stad alleen begrijpen als je weet wat een dorp is. Daniëls is een kenner van het dorp. Hij groeide op in Aarle-Rixtel, dat model staat voor nostalgische herinneringen. Uit volle overtuiging schetst hij de charme van het dorp. Het is een plek van gemoedelijkheid, rust en gemeenschapszin onder meer blijkend uit een rijk verenigingsleven. Bij de middenstand kun je op de pof je spullen kopen. Iedereen weet dat jij er eentje bent van rooie Bart en met de solvabiliteit zit het wel goed, armoe of geen armoe. Illustratief is de tekst van Het dorp, geschreven door Friso Wiegersma en door Wim Solleveld vereeuwigd tot een klassieker. Het dorp is het tuinpad van mijn vader.

    Daniëls staat stil bij de vraag wanneer we over een dorp mogen spreken. Een praktische definitie bepaalt dat iets een dorp is als de meeste mensen die er wonen zeggen dat het een dorp is. Vroeger was het criterium of een plaats al dan niet stadsrechten bezat. Al meer dan anderhalve eeuw worden er geen stadsrechten meer toegekend waardoor dit een gedateerd criterium vormt. Almere met meer dan 200.000 inwoners zou aldus voor eeuwig een dorp blijven. Daniëls gebruikt zelf de volgende omschrijving: een plaats met een bebouwde kom, die de ruimte heeft om klein te blijven en andere dorpen en de stad op afstand te houden. Hierin klinkt de wens naar een zeker isolement door. De auteur, zoals hij vaak aan talkshowtafels etaleert, is een liefhebber van fait divers. In het boek wemelt het van weetjes en ditjes en datjes. Typerend voor Daniëls is zijn drang om lering en vermaak te combineren. Hij behandelt de rol van de boer, de dominee en de pastoor, de dorpsonderwijzer en de dorpsdokter. Tot een speciale categorie behoren de markante dorpsfiguren, dorpsfilosofen en dorpsgekken.

    Dorpsgekken lopen door de straten te bidden, dragen maar één schoen, gaan op het dorpsplein op hun hoofd tegen een boom staan, staren urenlang naar het busbord met daarop de vertrektijden, maar stappen nooit in als de bus daadwerkelijk voorbijkomt


    Het enthousiasme van de auteur kan niet verhinderen dat dorpen het moeilijk hebben. Bestuurlijk vindt er via fusies schaalvergroting plaats. Zo is Aarle-Rixtel, in dit boek de maat der dingen, opgegaan in Laarbeek. Opeens is er een situatie ontstaan waarbij de supermarkt, de basisschool en het dorpscafé verdwenen zijn. De leefbaarheid komt in de knel. Een steeds groter deel van de Nederlandse bevolking woont in de stad. Het dorp is aan de verliezende hand ten opzichte van de stad. In het werk van Ben Wilson over de grote stad, komt aanpassingsvermogen naar voren als een bepalend kenmerk om te overleven. Daar lijkt het in het dorp niet goed mee gesteld. Er gaat vanaf zonder dat er iets voor in de plaats komt. Zelfs de kermis bezoekt het dorp niet meer. Het festival doet een poging tot compensatie. De auteur spreekt over het noodverband van een barbecue en foodtrucs (sic). Bij het laatste gaan de gedachten uit naar gegoochel met voedsel wat bij een foodtruck niet per se het geval hoeft te zijn.
    Het boek is rijkelijk geïllustreerd met foto’s die als gezamenlijk kenmerk de gevangenschap in vroeger laten zien. Een overdaad aan vergane glorie. Op zich ben ik een fan van het werk van Wim Daniëls. Ooit las en besprak ik het boek Unmögliche Beweisaufnahme van Hans Erich Nossack op zijn aanraden (zie weblog 31, 2015). Toch riep het geschal van de loftrompet over het dorp bij mij wel de behoefte aan wat tegengas op. Los van de problematiek van de krimp kent het dorp ook schaduwzijden. Je zal maar in zo’n hechte dorpsgemeenschap lid zijn van de verkeerde kerk in religieuze of seksuele zin. Of denk eens aan het bestuurlijke oorlogsgeweld in villadorpen als Bergen, Bloemendaal en Wassenaar waaraan de landelijke media aandacht besteden misschien wel omdat daar de advocatendichtheid te ver boven het landelijk gemiddelde ligt. Of neem de vissersdorpen waar de jeugd massaal aan de drugs is en blind op extreemrechts stemt. Dorpen kunnen erg treurig zijn.
    De auteur zelf is inmiddels in Eindhoven woonachtig. Het boek maakt duidelijk dat je Wim Daniëls wel uit Aarle Rixtel kunt halen maar Aarle Rixtel niet uit Wim Daniëls. Je blijft voor eens en altijd de zoon van rooie Bart.
    middelr@xs4all.nl